Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De termijn, gedurende welken zij de regtspraktijk in Indië moeten hebben uitgeoefend, is op minttens vier jaren gesteld, opdat door de vorenvermelde bepaling, welke uitsluitend in het belang van 's lands dienst is gemaakt niet aan jonge, onervaren en niet kundige advokaten de gelegenheid zoude kunnen worden geopend om, met terzijdestelling van het evenbedoeld examen eene plaatsing te erlangen bij de regterlijke inagt in Indië, alleen omdat zij in het bezit zijn van den doctoralen graad.

Haar ook een langduriger regtspraktijk dan vier jaren in Indië zal bezwaarlijk aanspraak op benoembaarheid kunnen geven, wanneer niet de regtsgeleerde behoort tot hen die, uitmuntende door regtskennis, ervaring en bekwaamheden zich in dien tijd hebben doen kennen als te zullen zijn eene wezenlijke aanwinst voor 's lands dienst.

Wanneer een krachtens de onderwerpelijke bepaling benoemd regterlijk ambtenaar later tot de algemeene

burgerlijke dienst wenscht over te gaan, dan moet hij alvorens benoembaar te zijn tot een der ambten, in artikel 4 van dit besluit bedoeld, voldoen aan het examen, zoo als hetzelve bij artikel 3 van dat besluit voor doctors in de beide regten is voorgeschreven.

Regterlijke ambtenaren, die niet, krachtens de meer bedoelde bepaling, als zoodanig benoemd zijn, behoeven, bij het overgaan tot de algemeene burgerlijke dienst natuurlijk geen nader examen af te leggen, wanneer zij daaraan reeds eenmaal hebben voldaan.

Artikel 4.

Tot ambtenaar, vermeld in den staat bij dit besluit gevoegd, is alle benoembaar hij die, door het afleggen van een examen, blijken gegeven heeft van voldoende bekwaamheid in:

a. de Nederduitsche, Fransche, Hoogduitsche en Engelsche talen;

b. de rekenkunde, de stelkunde tot en met de vergelijkingen van den tweeden graad, de lagere meetkunde tot en met de ligchaamsmeling, en de regtlijnige driehoeksmeting;

c. de beginselen der delfstof-, aard-, plant- en dierkunde;

d. de beginselen der natuurkunde, der scheikunde en der kosmographie;

e. het handteekenen en regtlijnig teekenen; /. de aardrijkskunde;

g. de gronden van de gemeente-, provinciale en staatsinrigting van Nederland;

h. staathuishoudkunde en de statistiek, inzonderheid van Nederland en van zijne koloniën en bezittingen in andere werelddeelen;

i. de geschiedenis;

k. de geschiedenis, land- en volkenkunde van Nederlandsch-Indië', l. de kennis der staatsinstellingen van Nederlandsch-Indië',

m. de beginselen van de Javaansche of die van de Maleische taal, ter keuze van den geëxamineerde, en in een of meer der volgende vakken, mede ter keuze van den geëxamineerde:

1". de beginselen van eene of meer der in Nederlandsch-Indië inheemsche talen, behalve die waarin hij reeds, ten

gevolge van het voorschrift sub litt. m van dit artikel, examen heeft afgelegd; 2e. de godsdienstige wetten, de volksinstellingen en gebruiken in Nederlandsch-Indië; 3". het boekhouden.

Van het voldoend afgelegd examen wordt den geëxamineerde een bewijs uitgereikt.

Artikel 8.

Van het afleggen van het examen, in de vakken sub litt. a—i van artikel 4 genoemd, is vrijgesteld hij die aan eene van 's Rijks hoogescholen een akademischen graad, of, volgens artikel 58 der wet van 2 Mei 1863 (Staatsblad n°. 80), tot regeling van het middelbaar onderwijs, een getuigschrift van voldoend afgelegd eindexamen van eene openbare burgerschool, landbouw- of polytechnische school heeft verkregen.

Toelichting. Het programma der vakken, waarin examen moet worden afgelegd, is opgemaakt gemiddeld uit dat, waarin volgens de arttikelenl6 en 17 der Wet op het middelbaar onderwijs van 2 Mei 1863 (Staatsblad n». 50) aan de hoogere burgerschool met driejarige en met vijfjarige cursus onderrigt gegeven wordt.

De middenweg is gekozen om met, door een al te hoogen eisch, de uitvoerbaarheid der betrokken voorschriften zoodanig te belemmeren, dat misschien, evenals vroeger, in afwijkingen hel middel zoude moeten worden gevonden om aan de behoeften der dienst te kunnen voldoen.

Door de opname der bepaling sub lilt. m dal in eenige vakken ter keuze van den geëxamineerde nog examen kan worden gedaan, was het niet mogelyk, in den strengen zin des woords, een vergelijkend examen voort te schrijven.

Nogtans kan de Regering ten gevolge van de slotbepaling van ariikel 8, waarby aan de commissiën voor het afnemen van examen is opgedragen in haar verslag te vermelden den uitslag van het onderzoek in elk der vakken, waarin examen is afgelegd, met opzigt tot ieder der geëxamineerden, en haar eindoordeel over de betrekkelijke bekwaamheid van ieder hunner, gemakkelijk komen tot eene vergelijking van ieders bekwaamheden. Daarop zal, bij beschikbaarsteUing of benoeming zorgvuldig moeten worden gelet, omdat 'slands belang vordert dat de keuze zich byeen meer dan voldoend aantal tot de bekwaamsten bepale.

Dat krachtens het tweede gedeelte van artikel 5, van het atleggen van hel daarbij bedoeld examen, is vrijgesteld hij die volgens ariikel 55 der wet op het middelbaar onderwijs, een getuigschrift heeft verkregen van voldoend afgelegd examen aan eene openbare hoogere burgerschool, landbouw- of polytechnische school, verklaart zich uit de omstandigheid, dat zoodanig diploma, hetwelk met wordt afgegeven,voor examens aan scholen van minder dan vijfjarige cursus, het bewy's in zich bevat, dat de belanghebbende bereids voldaan heeft aan een zwaarder examen, dan bij ariikel 4 der tegenwoordige verordening voor Indië is voorgeschreven.

Artikel 6.

Tot ambtenaren, niet vallende onder de bepalingen der artikelen 3 en 4, zijn, voor zoover hunne bezoldiging niet

Sluiten