Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

scholen (voor welke reeds geldelijke steun van Regeeringszijde is aangevraagd);

2e. voor de scholen, welker oprichting voor het eerst wordt voorgesteld.

Tot toelichting van bovenvermeld model bijlage II moge voorts het volgende worden opgemerkt:

Voor de twee hierboven bedoelde opgaven kan van hetzelfde model gebruik worden gemaakt met doorschrapping of behoud van de tusschen haakjes gestelde woorden.

Kolom 1 — 8. Behoeven geen nadere toelichting.

9. Te vermelden de uitgestrektheid der ambtsvelden met aanteekening daaronder van de naar raming door den dorpsonderwijzer jaarlijks uit die gronden genoten inkomsten. 10. Te vermelden de hoeveelheid padi of het bedrag aan geld door de desa of groep van desa's jaarlijks ten behoeve van den dorpsonderwijzer op te brengen.

Ingeval padi wordt verstrekt, daaronder bekend te stellen de geldswaarde dier hoeveelheid rijst. H- Voor de bestaande scholen, het bedrag aan schoolgeld in het laatste jaar geïnd; voor de nog op te richten scholen, het vermoedelijk aan schoolgeld te heffen bedrag. „ 12. Voor aanmaak en onderhoud van schoolgebouw en school-

meubilair, zal hoofdzakelijk de desa te zorgen hebben, weshalve voor dat doeleinde slechts eene geringe tegemoetkoming ineens — in den regel een bedrag van ƒ 50 niet te boven gaande — van de Regeering mag worden gevraagd. 14. Zooals zal blijken uit het aangeteekende onder § 9 zullen de kosten voor opleiding in den regel niet meer dan ƒ 30 per candidaat bedragen. „ 15. Totaal der kolommen 10 t/m 14.

16. Wenschelijk zal het zijn den gemeente-onderwijzer een minimum inkomen van ƒ 180 's jaars te waarborgen. (Voor een tweeden goeroe of kweekeling kan eene voorloopige verdienste van ƒ 120 's jaars voldoende zijn).

Een voorstel tot toekenning van een bijslag op het inkomen der goeroe's wordt derhalve gedaan, indien de bezoldiging — hetzij die gevonden wordt in het gebruik van zekere uitgestrektheid gemeentelijken bouwgrond dan wel in het heffen van schoolgeld als anderszins — minder bedraagt dan ƒ180 (respectievelijk ƒ 120) 's jaars en wel tot een bedrag, uitmakende het verschil tusschen die minima en het tot geldswaarde herleid inkomen, van de zijde der gemeente genoten. » 17. Voor complexen van minder dan een vijftigtal scholen zal

het algemeen toezicht worden uitgeoefend door Inlandsche onderwijzers der naburige Gouvernementsscholen tegen vergoeding der reiskosten en genot van zekere geldelijke belooning, voor elke school te rekenen op een bedrag van ƒ15's jaars.

Omvatten de complexen ongeveer vijftig scholen, dan kan, voorzoover daartoe opgeleide Inlandsche onderwijzers beschikbaar zijn, een afzonderlijke mantri goeroe onder den titel „Opziener der Inlandsche gemeentescholen" met de controle worden belast. n 18. Voor onvoorziene uitgaven wordt een bedrag van ƒ 5 per

school uitgetrokken. „ 19. Totaal van kolommen 16 t/m 18.

De cijfers worden districtsgewijze opgeteld.

Voor het geval een renteloos voorschot wordt gevraagd, hetzij voor den bouw der scholen en den aanmaak van meubilair, hetzij voor den aankoop van apanagegronden, worde het bedrag afzonderlijk met rooden inkt in de betrekkelijke kolommen (12, 13 of 16) ingevuld en in kolom 21 nader toegelicht.

Sluiten