Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geacht, indien voor het geven van anderhalf uur onderricht, driemaal per week, den mantri-goeroe eene belooning van ƒ 10's maands of ƒ 120's jaars wordt toegekend, zal voor het opleiden van eiken dorpsonderwijzer eene premie van / 30 behooren te worden toegezegd.

Eene tegemoetkoming in onderhoud, reis- en verblijfkosten aan de candidaten zeiven, gedurende hunne opleiding, zal, zooals uit de ruime aanmelding van personen thans reeds valt op te maken, niet verleend behoeven te worden dan bij uitzondering, in streken waar slechts met moeite personen zijn te vinden, geschikt en genegen om voor de betrekking van dorpsonderwijzer in aanmerking te worden gebracht.

Voor de betrekking van dorpsonderwijzer meent men bovenal als kweekplaats te moeten beschouwen de Inlandsche Gouvernementsschool der tweede klasse, waar het betrekkelijk gering getal scholen der eerste klasse meer en meer voornamelijk bestemd zal zijn voor de opleiding der kinderen van Inlandsche hoofden en meer gegoede Inlanders, wier plannen, wat aangaat hun toekomstigen werkkring, veelal verder reiken.

Voor het volk in het algemeen, voor de kinderen van den gewonen desaman, wier bestemming het zal zijn in den stand hunner ouders voort te leven, zal het onderwijs, gegeven aan de gemeentescholen zooals deze thans worden voorbereid, de aangewezen opleiding zijn.

Het tegenwoordig peil van ontwikkeling der bovolking van Java stelt, voor de naaste toekomst althans, geen hooger eischen, die trouwens ook onvereenigbaar zouden zijn met de financiëele krachten niet alleen van de bevolking zelve, doch ook van de Schatkist, indien de Regeering de vervulling daarvan tot Hare taak mocht willen rekenen.

Voor de Gouvernementsscholen der tweede klasse daarentegen zal, naast dat eigenlijk „volksonderwijs" op de desascholen, plaats zijn tot opleiding van hen, die om bijzondere redenen: men denke hier bijv. aan den stand der grootere Inlandsche handelaren en dergelijken, eene eenigszins meer uitgebreide vorming voor hunne belangen noodig oordeelen.

In zoover dus is het doel dier instellingen van tweeledigen aard te achten: hebben zij te voorzien in de evenvermelde bijzondere behoefte aan een eenigszins uitgebreider elementair onderwijs, terwijl verder van die scholen verwacht mag worden de verschaffing van het aanzienlijk aantal gemeente-onderwijzers, dat mettertijd voor Java en Madoera noodig zal blijken.

Wat dit laatste aangaat, zal het van niet geringe beteekenis zijn bij de keuze der dorpsonderwijzers te letten op de streek hunner afkomst.

Blijvende in de omgeving waar zij thuis behooren, zullen deze onderwijzers zich eerder tevreden stellen met de bescheiden inkomsten, welke de desa in staat is hun te verstrekken, en kan van hen meer verwacht worden, dat zij jaren achtereen, zoo niet voortdurend, aan het hoofd derzelfde school werkzaam zullen zijn, langzamerhand het vertrouwen van de mede-ingezetenen der desa zullen winnen en zoodoende op den duur een overwegenden invloed op de vorming van de Inlandsche jeugd zullen uitoefenen.

Opgevat derhalve in den hierboven omschreven zin, zullen beide categorieën van instellingen: de Gouvernementsscholen tweede klasse en de Inlandsche gemeentescholen niet alleen in eene nuttige verhouding naast elkander voortbestaan, maar dienen zij in zeker opzicht elkander zelfs op den voet te volgen.

Waar het ontstaan van een complex van desascholen is te voorzien, zullen zoo mogelijk te voren reeds op een of meer geschikte plaatsen Gouvernementsscholen der tweede klasse behooren te worden gesticht, aan jongelieden uit den omtrek gelegenheid biedend o.m. om de eerste opleiding voor het ambt van gemeente-onderwijzer te bekomen.

In de oprichting en verspreiding dier inrichtingen zal derhalve zekere aansluiting zijn te betrachten met de uitbreiding van het gemeente-onderwijs.

Hebben de candidaten gedurende hunne opleiding geschiktheid tot het geven van elementair onderwijs getoond en mag van hen derhalve verwacht

Sluiten