Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kameel en het rendier en in zekeren zin ook de ezel en de geit hebben eene geringere verspreiding gevonden of omdat zij in andere streken overgebracht niet van nut konden zijn of tegen het klimaat niet bestand waren.

Maar hetzij dan in eene streek reeds in het wild aanwezig, hetzij daar in getemden toestand door den mensch gebracht, het verschillend klimaat, waaraan dieren van dezelfde soort onderworpen waren of onderworpen werden, de verschillende voeding die zij ontvingen en in 't algemeen de verschillende invloeden, waaraan zij werden blootgesteld, hadden veranderingen ten gevolge, waardoor van een en dezelfde diersoort verschillende variëteiten of rassen zijn ontstaan. Bijna elk land heeft daardoor, hetzij de aldaar oorspronkelijk in het wild voorkomende, hetzij getemd van elders aangevoerd, zijne bijzondere veerassen gekregen, waaraan in het algemeen de naam van natuur- of landrassen gegeven wordt; en meestal kunnen deze naar de grootte en andere afwijkende kenmerken nog weder in verschillende slagen worden ingedeeld.

Zoo is er b.v. een belangrijk verschil tusschen de rassen die op het vlakke, lage land voorkomen, zoogenaamde lage-landsrassen aan den eenen kant en de gebergterassen aan den anderen kant. Vooral bij het rundvee kan dit verschil worden opgemerkt.

Het Nederlandsche rund (Fig. 1), dat als een type van een laaglandsras kan worden beschouwd, heeft de kegelvormige gedaante van zijn romp en de groote ontwikkeling zijner buikingewanden voor een groot deel te danken aan het volumineuze en saprijke voer der weiden, waarop het een groot gedeelte van 't jaar gevoed wordt; de weinige beweging brengt mede eene geringere ontwikkeling van borstkas en longen, die met het buikgedeelte geen gelijken tred houdt; overeenkomstig het vochtige, gematigde kli-

Imaat is de huid dun en veerkrachtig en matig sterk met haar begroeid; de vochtige, weeke weidegrond heeft de ontwikkeling van breede, weeke hoeven ten gevolge; de lichaamsontwikkeling en het temperament staan verder in verband met 't gebruik, hoofdzakelijk als melkvee, en de verpleging.

Vergelijkt men daarmede het Algauër rund (Fig. 2) als type

Sluiten