Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loste stoffen zijn van dien aard dat zij tot voeding kunnen dienen. In de haarvaten gaan de voedende stoffen, alsmede de zuurstof, in de weefsels over. Hier heeft verbranding plaats en wordt o.a. koolzuur gevormd, dat in de haarvaten overgaande, aan het nu aderlijk geworden bloed eene donkerroode kleur mededeelt. Uit de haarvaten stroomt het bloed alzoo door de aderen naar het hart terug en wel in den rechterboezem en van hier in de rechterkamer.

Intusschen heeft zich met dit bloed ook vereenigd de inhoud der lymphvaten en der chijlvaten.

De lymphvaten vormen een dergelijk vaatstelsel als de aderen; zij nemen haar oorsprong uit spleten en haarvaten in de verschillende weefsels en nemen daaruit vocht op, dat is water waarin deels dergelijke stoffen aanwezig zijn als in het bloed, deels stoffen die in de weefsels gevormd zijn. Het in de lymphvaten aanwezige vocht is echter kleurloos, doordat er geen roode bloedlichaampjes in voorkomen maar kleurlooze korrels, overeenkomende met de kleurlooze bloedcellen en die lymphlichaampjes geheeten worden.

Ook de chijlvaten vormen een dergelijk vaatstelsel, dat zijn oorsprong neemt langs het darmkanaal en hieruit het verteerde vocht, in zoover dit niet direct in het bloed overgaat, opneemt.In hoofdzaak bevat dit vocht, melksap of chijl geheeten, het eiwit, een deel van het vet en de anorganische zouten die verteerd zijn.

De lymph- en chijlvaten vereenigen zich ten slotte tot eene buis, de borstbuis, en daarmede ook haar inhoud, die na vereeniging van de borstbuis met de ondersleutelbeensader zich in het aderlijk bloed uitstort.'Met de lymphvaten in verbinding staan verschillende knobbels , zoogenaamde lymphklieren, voor het meerendeel in het darmscheil gelegen, waarin de lymphkorrels gevormd en omzettingen plaats hebben, waardoor lymphe en chijl min of meer aan de bestanddeelen van het bloed gelijk gemaakt worden.

In algemeene trekken kan men dus zeggen dat de bloedsomloop dient om de uit het darmkanaal opgenomene voedingsstoffen en de zuurstof, in de longen daarin opgenomen, naar de verschillende weefsels te voeren, opdat deze daardoor gevoed worden en chemische werkingen o. a. verbranding daarin plaats kan hebben,

Sluiten