Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men in het bestaande ras wil overbrengen, om het daardoor geschikter voor het doel der veehouderij te maken.

Men kan daarmede verschillend ver gaan, al naar het doel dat men met het kruisen wil bereiken. Dat doel kan zijn:

a. het vervormen van een bestaand ras in een ander, welks eigenschappen men als doel stelt en waarmede gekruist wordt.

De producten eener eerste kruising worden halfbloeddieren geheeten; worden deze weder met het nieuwe ras gepaard, zoo bekomt men 3/4 bloed, en zoo voortgaande 7/8, 15/i6, 31/32> 63/e4> 127/128 bloed enz. Mathematisch berekend en aannemende dat het overervend vermogen van beide parende dieren steeds even groot is, is er dus na eenige geslachten nog slechts weinig van het oude bloed aanwezig; en gewoonlijk wordt aangenomen, dat na het 7de 0f 8ste geslacht de vervorming geheel tot stand is gekomen en men dus volbloed heeft gekregen. Aangezien echter het overervend vermogen der rassen niet even groot en dientengevolge de invloed op eene kruising verschillend is, kan de uitkomst geenszins wiskundig berekend worden. Er zijn dan ook voorbeelden bekend, b. v. van kruisingen met de Shorthorns, waarbij de eigenschappen van dit beroemde Engelsche veeras zeer spoedig, en andere waarbij zij zeer moeilijk in een bestaand ras overgingen. Zoo nam het Fransche Mancelle-ras na eenige kruisingen vrij wel de kenmerken van de Shorthorns aan, maar bij het Duitsche vee uit het Westerwald ging dit veel moeilijker. Men brengt dit in verband met de meerdere of mindere constantheid van een ras, in dezen zin, dat een ouder, vaster ras bij kruising langer zijne eigenschappen behoudt dan een dat minder constant is. Anderen meenen de oorzaak te moeten zoeken in de meerdere of mindere overeenkomst der rassen, en dit komt ons waarschijnlijker voor. Het Mancelle-ras is uit zijnen aard meer mest- dan melkvee, evenals de Shorthorns, het Westerwalder-vee, dat bovendien met de Shorthorns in grootte verschilt en op meer schrale bergweiden is aangepast, meer melk- en trekvee.

Zelden zal bij deze vervorming een bestaand ras de kenmerken van het ras, waarmede het gekruist wordt, ook geheel aannemen.

Sluiten