Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

paarden houdt men zich bij het beoordeelen van sommige rassen aan een bepaalde maat. Verder is er verschil in de betrekkelijke afmetingen, dat is in de verhouding van de afmetingen der verschillende lichaamsdeelen, b.v. hoogte en lengte.

Een dergelijk verschil is dikwijls op het oog waar te nemen, maar meer en meer gaat men er toe over om het door bepaalde metingen vast te stellen. Die afmetingen en hare verhouding kunnen dan dienen om het karakter van een ras, ook in maat aan te geven; op de gemiddeld daarvoor verkregen waarden bestaan echter vele uitzonderingen.

d. Constitutie. Grof- en fijnheid, edel en onedel en het overbouwd zijn. Deze kenmerken kunnen bij een enkel individu, maar ook bij een geheel ras worden waargenomen. Men noemt een dier grof, als de uitstekende deelen van den romp en de aanhangsels _ daarvan, als kop en ledematen, in het algemeen de beenderen naar verhouding zwaar zijn, daarbij de huid dik, de horens groot, de haren grof en stijf. Vooral onder de runderen zijn nog vele landrassen daardoor gekenmerkt, in het bijzonder wanneer zij voor den arbeid gebruikt worden. Fijn noemt men daarentegen een dier, wanneer de opgenoemde deelen in verhouding tot den romp kleiner en minder zwaar, huid en haar dunner, de horens kleiner zijn, zooals dit met vele meer veredelde rassen, vooral onder de runderen, schapen en varkens het geval is.

Edel en onedel hebben in de veeteelt verschillende beteekenissen. Soms verbindt men daarüiede het begrip adel en ziet het edelzijn op de afstamming van een edel ras, waaronder men vroeger in het bijzonder het Engelsche volbloed paard verstond; in andere gevallen wil men er door uitdrukken het karakter van een dier, gelijk dit zich in verschillende gedragingen openbaart. Tegenwoordig wordt het edel en niet-edel-zijn meer beschouwd in betrekking tot de meerdere of mindere verandering die een ras door het aanfokken heeft ondergaan; of het namelijk veredeld, dat wil zeggen verbeterd is, vooral in den vorm, dan of dit niet het geval is en het nog vele gebreken, vooral in den vorm bezit.

Soms kan het aanfokken in eene bepaalde richting te ver gaan,

Sluiten