Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rijder", waarbij het adjectief met eenige zalving wordt uitgesproken, is meer waard dan de zilvervloot. Zou het niet doodjammer wezen, als wij niet meer „geniaal" konden zeggen met die verrukkelijke zachte g. ? En wat doet dan het substantief er toe?

Dienzelfden morgen verdwaalde ik naar dat stille achteraf hoekje van de hofstad, waar een vergeten standbeeld staat te droomen. „Arme stakkerd", zeide ik, „heeft dat ooit op alle winkelramen gestaan: Baruch Spinoza komt! Heeft men u ooit gevraagd, wat gij deedt als gij u niet oefendet? Of wat uwe familie er van dacht? Ja hoevelen vragen er nog naar wat gij ooit dacht? Toch plegen enkelen vol te houden, dat gij bij uw leven nog al veel door uwen geest hebt laten heengaan. Maar staat uw portret op lucifersdoosjes en sigarenkistjes ? Of wacht gij geduldig, tot men het allernieuwste soort bitter naar u noemen zal ?"

Echter zou het eenzijdig en ondankbaar wezen te meenen, dat onze maatschappij alleen voor groote wielrijders beroemdheid bewaarde. Dat zou kwalijk strooken met haar beginsel van algemeene erkenning. Zij is gul genoeg. Onlangs maakte een man in sommige onzer steden grooten opgang door de kracht zijner spieren, waarmede hij de bewonderingswaardigste daden verrichtte. En het trof zoo aardig dat hij „ook" Samson heette. Hij bracht het publiek in een soort van aanbidding door de lasten, die hij tilde, door de kettingen, die hij om zijnen arm spande en brak. En toen ik van die aanbidding las, dacht ik

Sluiten