Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tot vorming van mijn eigen meening ben ik in deze aan de verhandeling door Professor Hamaker in de Koninklijke Academie gehouden, het meest verschuldigd. *) Ook de Heldringsgestichten werden achtereenvolgens door twee mannen bezield. Geen enkele vrouw staat daartegenover, al is dan ook in de laatste jaren de Vereen. «Onderlinge Vrouwenbescherming» het geweest die zich praktisch het lot der ongehuwde moeder heeft aangetrokken, die daarom zeker uw aller belangstelling, uw flnancieelen en zedelijken steun verdient. Maar daartegenover de talloozen, van wie Mr. Tavenraat terecht schreef »de reinen zijn hard voor de gevallen zusters«. Hard uit beginsel vaak, en daarom althans te verontschuldigen zijn m. i. tal van streng godsdienstigen die zich, ook voor O. V. bestond, de ongehuwde moeder en de prostituée ter harte namen,>) maar uit wier mond ik soms hoorde »neem de gevolgen van de zonde toch niet te gauw weg«. Dat »zondig« verleden, was het vaak niet grootendeels 'n gevolg van de omstandigheden, van oeconomische afhankelijkheid, van immoreele woningtoestanden, van erfelijke belasting?

Akelig in haar kille berekening »'t lieve moedertje« en «degelijke huisvrouwtjes dat mij eens even ruwoprecht als dom-naïef toevoegde: »'k kan me niet begrijpen dat jij je voor zulke schepsels interesseert; je möet je niet geven voor je getrouwd bent, dan ben je immers pas zeker«.

Hard en wreed de vrouw die haar dienstbode die in treurige omstandigheden verkeert — voor wie het stadhuisbriefje in den zak heeft heeten deze immers onmiddellijk »gezegende« — wegjaagt; onmenschelijk de

*) Zie Bijlage I.

') O.a. in den »Vrouwenbond tot verhooging van het zedelijke bewustzijn« wien, als vereeniging, deze blaam natuurlijk niet treft.

Sluiten