Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot diepe melancholie vervallen patiënte, wier vrijer trouw bleef en voor 't kindje zorgde, en die ondanks 'tin uitzicht blijvende huwelijk toch over de »schande« niet heen kon komen, ondanks moreelen steun. Maar met velen is het anders. Zij komen er wel over heen; en is 't kindje er eenmaal, dan gaan ze er zóó in op en vinden 't zóó heerlijk er voor te kunnen verdienen, dat de ontrouwe man gauw genoeg vergeten is.

Trouwens hoevele wettig gehuwde vrouwen zien in den echtgenoot in later jaren niet anders dan den vader hunner kinderen, zoodat alleen in die hoedanigheid 'nband blijft bestaan? Allerminst verdedig ik dit. Maar we hebben rekening te houden met de feiten. En een feit schijnt te wezen, dat het meerendeel der vrouwen uit alle standen, 't zij men ze wil noemen de normale vrouwen of wel, zooals Marie Metz-Koning ze betitelt: de »vrouwdiertjes«, allereerst zich bekommeren om 't kind en de man haar meer is middel dan wel doel.

»De man begeert de vrouw, de vrouw het kind1)», ook het bekende Fransche gezegde bevestigt dit vermoeden. In elk geval wij in O. V. wéten, dat de ongehuwde moeders met moreelen steun en geld vaak afdoende zijn te helpen. Dat we 't laatste intusschen het werk van den medeplichtige achten en niet de plicht van eenige filantropisch-gezinde menschen, spreekt van zelf.

Wat 't wetsontwerp betreft, — ik zal trachten zoo vlug mogelijk de punten te behandelen die voor u 't meeste belang hebben, — 't volgende: Volkomen ga ik mee met de woorden van jhr. Eochussen, waarmede deze de inleiding van z'n tweede boek besluit: »Geen gerechtelijke vaststelling der vaderlijke afstamming, geen bij

!) Vgl. Nietzsche »Der Mann ist für das Weib ein Mittel; der Zweck ist immer das Kinds.

Sluiten