Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJLAGE III.

«Woensdagnacht hoorden enkele personen aan de Uilensboomen een vreeselijk gekerm, gevolgd door kindergeschrei.

«Kort daarna was het stil. Des morgens ten 8 ure werd een «pasgeboren kinderlijkje uit het water gehaald, gebonden in «een doek. Een hoek in een poortje wees aan, dat er des »nachts een vreeselijk drama was afgespeeld, nl. dat daar «iemand moeder was geworden «

Over 't algemeen geen dweepster met de «gemengde berichten«,

knipte ik toch indertijd 't bovenstaande uit, als tegenhanger van de enkele uitzonderingsgevallen die tegenstanders gelieven aan te voeren. En tegenover de noot op p. 30 in het laatst door jhr. R.

geschreven boek, kunnen we stellen den tragischen moord dezer dagen bij de Duitsche grens op een Hollandsch meisje gepleegd,

of haar zelfmoord: ook «zij verdronk met haar ongeboren kind« — in tegenwoordigheid van den verleider.

Bewijzen al zulke gevallen iets meer dan dat er ellende bestaat,

en dat de ernstigste pogingen gedaan moeten worden die te lenigen ?

De afkeer, die de meeste vrouwen van 'n kindermoordenares hebben, valt allereerst te wijten aan haar niet doordenken; want «verre van te mogen beweren dat deze wandaad voortvloeit uit / ff j den wenscly/ om van de zorg voor het kind ontslagen te zijn/— J *ƒ' /) in welk geval het trouwens evengoed te vondeling gelegd kon worden — moeten wij veeleer aannemen, dat zij onvoorbedacht wordt ten uitvoer gebracht onder de opwelling van een oogenblikkelijken radeloozen angst, die geen anderen uitweg ziet. Onder den verschen indruk van het zooeven voorgevallene en het vooruitzicht op de gevolgen in de toekomst, verkrijgt het vrouwelijk eergevoel tijdelijk de overhand over het aangeboren instinkt van moederliefde; en wanneer dit laatste zijn rechten zou willen hernemen, is het gewoonlijk reeds te laat en is de volvoerde daad onherstelbaar geworden.1)"

Men toetse het op p. 29 verhaalde geval aan deze woorden.

') Br. C. J. "Wijnaendts Francken. De Evolutie van het Huwelijk, Leiden 1894 p. 219. — Cursiveering is van mij.

Sluiten