Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DONDERDAG 5 MEI 1910.

Hemelvaartsdag! Kroningsdag van onzen Koning en Heer! Zouden de leden van het Nederlandsch Jongelingsverbond Hem dien niet wijden? Gewis en zij wilden dien dag daarmede aanvangen. Is het wonder, dat in „De Dageraad"

DE WIJDINGSSAMENKOMST aanvingen met het Kroningslied van Ps. 24 : 4, 5:

Verhoogt, o poorten! nu den boog;

Rijst, eeuw'ge deuren! rijst omhoog;

Opdat de Koning in moog' rijden.

Wie is die Vorst, zoo groot in eer?

't Is God, d' almachtig Opperheer;

't Is God, geweldig in het strijden.

Wie is die Vorst, zoo groot in kracht?

't Is 't Hoofd van s'Hemels legermacht;

Hem eeren wij met lofgezangen.

De zaal was reeds flink bezet en telkens kwamen meerdere Bondsbroeders binnen.

Dr. A. I. Kan Jr., van Assen, leidde deze samenkomst en had als uitgangspunt en grondslag zijner toespraak gekozen Hand. 5:31: Dezen lxeeft God door Zijne rechterhand verhoogd tot eenen Vorst en Zaligmaker om Israël te geven bekeering en vergeving der zonden.

Onze God, zoo begon spreker, heeft Jezus Christus verhoogd tot een Vorst als Koning en Leidsman, tot een Vorst als Zaligmaker, ook voor ons.

De heerlijkheid van dezen dag is de grondslag van ons geluk en op den Hemelvaartsdag komt dit bijzonder op den voorgrond. Jezus Christus, onze Heer, kreeg de Eereplaats, Hij werd verhoogd. Hij is een machtige Leidsman en een heerlijk Vorst en onze eenige Zaligmaker. Jezus heeft autoriteit, Hij heeft gezag. Wij hebben behoefte aan een vasten Vriend en dat is Jezus voor ons, als Hij onze Vriend is geworden. Dan komt er harmonie in het hart en daardoor vindt het rust.

't Gezag moet echter niet onzielkundig komen, 't Jongelingshart is niet anarchistisch, maar wil integendeel een monarch erkennen; doch waarom dan zoo vaak den verkeerden monarch gekozen? Wij willen succes hebben en alles dienen. Wij zullen alles doen voor onzen winkel, ons door de klanten laten trappen, wij dienen ons beroep, onze studie, onze werkplaats, ons kantoor en het valt ons niet zwaar. Heerlijker is het Jezus te dienen, Hij trapt niet, Hij slaat niet, Hij plaagt ons niet. Hij heeft ons lief en wil ons behoud.

Het zijn geen vage idealen of zwevende droombeelden, neen,

Sluiten