Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sturen door de klippen en zandbanken heen. Maar ook u roep ik er toe op. Verdedigt het terrein als het besprongen wordt met uw ruim gesteld „credo", ik geloof, in 't hart, en het wapperend devies: „Unum e pluribus" verscheidenheid in eenheid, als in de hand. „Wij handhaven de erfenis onzer vaderen," die spreuk van Willebrord neem ik over. Nederlandsch Jongelingsverbond! blijf aan uwe leuze getrouw: „ik schaam mij het• Evangelie van Christus niet! Laat geen der letteren verbleeken van uw ideaal: „Opdat zij allen één zijn!" Gij beoogt geen „Christendom boven geloofsverdeeldheid," want neutraal, kleurloos zijt gij niet, maar gij bedoelt: „Christendom boven kerkelijke verdeeldheid," beken goed kleur, in woord en daad! Mocht het ooit den B.ooze gelukken de Satansleuze op te heffen: „verdeel en heersch," aanvaard den kamp met den draak der verdeeldheid en geve God, dat wij dan Michaëls mogen zijn, die, zeiven door een veilig schild beschermd, hem den lans stooten in den giftigen muil. Daar gaat hij! Het Nederlandsch Jongelingsverbond nationaal, vrij, ondeelbaar, één: onsterflijk maakt alleen de oorspronkelijkheid! En komen er ooit bezwaren, ziet ze onder de oogen, vertwijfelt niet, maar zegt als onze oud-strijder Samuël Hendrik Serné: „de Heere zal het voorzien !"

Maar in het noodige eenheid, in 't ondergeschikte vrijheid, in alles dan ook de liefde; niet „lievigheid" maar liefde, niet betooning van zwakheid maar bewijs van kracht. Dan eerst kan de dag aan het Swarte Waeter een Witte dag, een Feestdag zijn.

Wij zijn ook op een Feestdag bijeen, op den Kroningsdag van onzen Koning. In den geest staan wij om Hem geschaard. Is Hij de groote Magneet van ons leven, zoeken wij de dingen die boven zijn, als hemelsgezinden van hart? In deze stad staat ergens tegenover het Stadhuis dit opschrift:

£>ij lucct niet lu.it Ijxj tuu'iicst,

Ijct tiörtijrtï iinor Ijct gcc^tcïijcït 3Cï£ Ijct tiomt ojj cn £rijentu*n,

.^dd tjccft Ijij rrccn ban ücn&en.

Zijn wij hiervan diep overtuigd? Verstaat ons wel. Wij hebben onze aardsche roeping ook. En deze is ernstig te midden van de vermaterialiseering van bijna alles. Ziet, wij leven in dagen, waarin men literatuur en kunst, godsdienst en beschaving, niets uitgezonderd, vooral voor den jongen mensch, wil plaatsen buiten de omtuining, ja buiten de peripherie van het Koninkrijk Gods en alles aanprijst, wat maar niet geënt is op den christelijken' stam. Ja, indien men kon, men zoude een christennatie willen pellen uit het christelijk omhulsel, waarin zij door God-Almachtig is gezet, tot wasdom gekomen en bloei. En het moet juist omgekeerd zijn! Alles, ook uw vak en uw ambt, uw studie en uw kunst, even goed als uw leven en wandel moet den koninklijken muntslag dragen, wij moeten koninklijk werk leveren en alles aanwenden, wat Hem de wegen bereidt in de maatschappij: wetenschap en kunst, verlichting en beschaving moeten ook voor ons

Sluiten