Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op de le vraag, door uw Voorzitter gesteld, kan ik al dadelijk antwoorden, dat die de volle sympathie van ons Hoofdbestuur heeft. Samenwerking ! Er is alles vóór en niets tegen. Het was echter te kort op den tijd, om uw vragen in onze Hoofdbestuursvergadering te behandelen en eventueel een commissie voor samenwerking te benoemen ; het is daarom, dat ik slechts hier mijn persoonlijke gevoelens kan uitspreken, terwijl wij niet nalaten zullen de vragen in onze Vergadering te behandelen. Als ik deze groote schare hier voor mij zie, die nog maar een klein deel is van het geheel, dan zeg ik : welk een groote macht zou er toch, wanneer er tusschen de drie Bonden (ook de Geref.) samenwerking was, uitgeoefend kunnen worden tegen den gezamenlijken vijand ! Ik denk aan mijn jeugd, toen ik als jong luitenant zoo eenzaam en verlaten bij het regiment diende. Hoe gaarne had ik toen mijn hart eens gelucht en raad gevraagd ! Maar dat kon niet. En gij, gij zijt omringd van goede raadgevingen en wee die eene halm, die alleen staat !

Ik zeg dit, opdat gij het zult waardeeren. Het is mijn bedoeling niet alleen schoone ontboezemingen te doen hooren, noch om propaganda voor onze Militairen Tehuizen te maken; dat is nu niet zoo zeer meer noodig. Dat was vroeger, toen de kerken verscheurd werden en de Tehuizen opgericht werden. Ook kom ik niet tot u om iets te vragen : wij hebben nooit iets aan de C. J. V. gevraagd. Doch wij zijn ook gedachtig aan de spreuk »Luctor et Emergo«, al worstelende kom ik boven.« Gij zijt een machtige Bond geworden en gij kunt veel voor ons doen.

Ik zou in de eerste plaats meer contact tusschen beide Hoofdbesturen wenschen, 't zij door een commissie te benoemen of leden van uw bestuur in het onze te doen zitting nemen.

En ten tweede, wat de financiëele quaestie aangaat, durf ik niet te vragen, waar ik zoo juist hoor, dat gij een tekort hebt van f 5500.— en toch zoudt gij ons financieel krachtig kunnen steunen en ons zeer kunnen helpen. Wij weten, dat er bij het Leger des Heils dikwijls een »Week van zelfverloochening« uitgeschreven wordt.

Stel nu, dat ieder lid zich zelf nu ook eens die verloochening wilde opleggen, en een sigaar per week minder wilde rooken ; dit zou voor iedefen Bond ruim ƒ 5000,— kunnen opbrengen, dit zou prachtig zijn, wij zouden onze Tehuizen kunnen verbeteren en uw tekort zou gedekt zijn. 't Is slechts een wenk, dien ik u geef, indien gij dit offer wilt.

Indien gij, jonge mannen, in dienst komt, bezoekt trouw de Militairen Tehuizen, gij anderen, wekt jongeren op, dit ook te doen. De soldaat heeft een dubbele roeping. Het Vaderland te dienen. Dit is een edele roeping. Hij moet dat doen met opgeheven hoofd en vroolijk van hart.

Ten anderen, om een kern in het leger te vormen en in de Tehuizen een voorbeeld te zijn. De Tehuizen zijn voor alle jonge mannen. Stoffelijk kunnen de C. J. V. iets doen, ook in geestelijk opzicht valt veel te verrichten.

Wanneer de jonge man in dienst gaat en lid is van een C. J. V.,

Sluiten