Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

jonge mannen ! de wijde armen, waarmede Gods Woord zich openbaart en u en mij ondervangt.

De standvastigheid van de wet der sterren, die naar de Schrift dag en nacht wetenschap uitblaast, 't wordt alles gedragen door Gods Woord, door Gods Geest. Want geen ding is gemaakt zonder het Woord dat God is.

Daar hebt gij dan ook de grondgedachte, die ons heden de heerlijkheid kan doen zien van de Christelijke belijdenis.

God moet zijn een God niet van verre, maar een God van nabij. Een God, niet een toeschouwer als een Caesar in een arena, die van zulk een schouwspel geniet, of een God die zich verlustigt in het zien van teringachtige vrouwen en kinderen, maar een God, ingezonken met Zijn woord, met Zijn liefde, met Zijn Zoon, in de schepping en in de herschepping, die Hij uitbracht. En daarom, jonge mannen, indien gij 't niet aandurft met de Schrift, die geweldige openbaring, dat God is verhemeld boven het heelal; als gij deze gedachte niet aandurft, dan zult gij niet staan in de diepte van den drieëenigen God.

In onze dagen moet openbaar worden de heldenmoed van de eerste Christelijke gemeenten, die zich lieten verbranden, steenigen, slachten, omdat zij streden tegen den smaad, dien men God dorst aan te doen. Dat God werd geboren als een mensch onder de menschen, dat Hij honger leed met ons, zich overgaf in den dood des Kruises, als wij de worsteling der eerste drie eeuwen naspeuren, dan is er geen speculatie te zien over de twee naturen van Christus. De eerste Christelijke kerk heeft altijd honger gehad, maar de eerste christenen konden niet getroost worden, tenzij de hemelen scheurden, tenzij God zelf weder kwam.

God is het vleesch, gebonden in den dood, in de hel, opdat alles wat tegen God is, met Zijn bloed zou worden omgezet in eeuwigheid.

Als gij deze gedachte niet in u opneemt, zóó sterk, dat zij u sterker maakt dan de dood, dan is de kern van 't Christelijk geloof weg.

God, eeuwig uit den Vader, die zich liet binden in een smadelijke knechtsgestalte, heeft ons verlost door het bloed, dat droop van Zijn gezegend hoofd.

God, zoo souverein, zoo geweldig, dat Hij borst tegen borst, man tegen man, lijden tegen lijden gaf om de zonde te verteren. Zie deze eeuwigheidsgedachte is de gedachte, die u en mij zal leiden in de worsteling der christelijke openbaring.

Hij is de Alfa en de Omega, de Eerste en de Laatste. Hij is dood geweest, maar leeft tot in eeuwigheid en daarom heeft Hij den sleutel van hel en verderf. God heeft Zich met ons verzoend door den dood Zijns Zoons. Als God wordt iemand, dan kan het verderf worden te niet gedaan.

In het 4e hoofdstuk van de Dordtsche leerregels lezen wij: Jezus Christus is daarom van zoo'n kracht en gerechtigheid, omdat die persoon niet alleen een waardig en heilig mensch geweest is, maar ook de eeuwige Zoon Gods, één wezen met den Vadei en den Heiligen Geest.

Sluiten