Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schenlippen is gevloeid : »wij blijven U gehoorzaam, trouw tot in den doocL«

En dan, gehoorzaamheid maakt den echten, den vurigen, den zegevierenden strijder; dan waagt gij den Michaëliskamp met den draak, die den Didymus-naam draagt: menschbehagen enmenschenvrees, gij schaamt u het Evangelie van Christus niet, gij strijdt en overwint ! Want, vergeet dit niet, dit nooit: In het hemelsch Huisgezin is het gehoorzame kind het gelieTde kind, het geliefde kind het vroolijke kind, het vroolijke kind het echte kind, het echte kind het kind, en al rijmt het, 't zal ook in de eeuwigheid niet ongerijmd zijn : het echte kind, d&t overwint !

Bondsbroeders ! vaart wel ! goede reis ! Tot weerziens, eenmaal in de overwinningsstad, in 't Jeruzalem dat boven is, maar ook, als het Gode behagen mag, op aarde ook nog eens weer in . . . Zwol !

Amen.

Deze korte toespraak, gekruid met toespelingen en woordspelingen, lokte soms een glimlach, soms een lach, een traan en dan weder greep zij aan; 't was: „tusschen een lach en een traan".

De Voorzitter ging daarna voor in dankgebed.

Nog eenmaal klonk het gemeenschappelijk lied, als de schare aanhief:

„Hallelujah! eeuwig dank en eere!"

Daarna werd de zegen door den praeses biddend op allen gelegd.

Aan het spoorstation was het geweldig druk. Eerst werd de trein naar het Noorden uitgeleide gedaan; daarna die naar het Zuiden en Westen. Gez. 180 : 1 weerklonk. Stevige handdrukken werden gewisseld. Tot wederziens! was de algemeene leus.

Langzaam stoomden wij langs een rij van Zwolsche vrienden, een laatste groet, een laatst vaarwel, en.... zij lagen achter ons, de Zwolsche Bondsdagen! Mogen de zegeningen diep in onze harten neerzinken en ons er toe leiden om ons meer en meer te geven aan dat heerlijke werk: Jonge Mannen te brengen en te behouden voor Jezus Christus, onzen Koning en Heer. Dat zij zoo!

Sluiten