Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

doch vooral in Zuid-Nederland, Fransche taal, zeden en beschaving verbreid werden.

Het streven van de vorsten uit het Bourgondische huis was, de macht van adel en steden beiden te verzwakken, opdat zoo de onbeperkte heerschappij gevestigd kon worden. Zij wilden de regeering der gewesten, die alle verschillend bestuurd werden, op dezelfde wijze inrichten, opdat daardoor de taak van den vorst gemakkelijker werd. Dus moesten de privilegiën uit den weg geruimd worden. Eindelijk wilden zij, dat de gewesten niet meer op zich zelf staande rijkjes vormden, maar met elkaar één geheel zouden uitmaken. Wij zullen de maatregelen opnoemen, welke Philips van Bonrgóndië (1433—1467) nam, om zijn doel, centralisatie, te bereiken.

1 hilips richtte voor Holland en Zeeland eene rechtbank op, het Ilof van Holland geheeten (1428). Men kon hierop van de lagere rechtbanken in hooger beroep komen. Deze verloren dus veel van hare beteekenis. In 1454 stelde hij den (rrooten Raad in. Dit was eene rechtbank, waarop de inwoners van alle Nederlandsche gewesten in hooger beroep konden komen. Vroeger wendde een deel zich in dat geval tot het parlement te Parijs, een ander deel tot den Duitschen rijksdag. Dit veranderde nu. De raad hield zijne zittingen in de plaats, waar de vorst vertoefde. Karei de Stoute gaf hem eene vaste plaats te Mechelen. Deze rechtbanken oordeelden niet volgens het oude landsrecht, maar volgens het Romeinsche ïecht, dat centralisatie in de hand werkte. Dit recht werd niet alleen op bestuurszaken toegepast, doch vond ook ingang in het burgerlijk leven en leidde tot duidelijke bepalingen omtrent huwelijk, voogdij en erfenis.

Niet beter kon men den verschillenden gewesten laten gevoelen, dat zij bijeen behoorden, dan door hunne afge-

Sluiten