Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een jaar, nadat de nieuwe grondwet was ingevoerd, overleed Willem II te Tilburg. Hij werd opgevolgd door zijn zoon Willem III (1849).

§ 36. WILLEM m.

De nieuwe koning verzocht al spoedig den man, die zoo grooten invloed op de samenstelling en aanneming der grondwet had gehad, zich met de uitvoering er van te belasten. Thorbecke aanvaardde die taak, en gedurende zijn vierjarig ministerie (1849—1853) kwamen vele belangrijke wetten tot stand. Hij viel in 1853, toen men op zijn voorstel den paus vrijliet in de regeling der Roomsch-Katholieke kerk hier te lande. De paus benoemde toen een aartsbisschop te Utrecht en 4 bisschoppen, nl. te Haarlem, Den Bosch, Breda en Roermond. De ontevredenheid van een groot deel des volks gaf zich lucht in tal van adressen en geschriften aan den koning, tegen de bisschoppen en het ministerie. Deze beweging heet de Aprilbeweging (1853). Naderhand is Thorbecke nog tweemaal minister geweest. Hij is een der bekwaamste staatslieden, die het vaderland in den laatsten tijd heeft voortgebracht.

Nederland is gedurende de regeering van Willem III niet in groote verwikkelingen met het buitenland geraakt. Een oogenblik scheen het, alsof dit wel het geval zou zijn. Het was, toen Napoleon III aan Willem III voorstelde, Luxemburg aan Frankrijk te verkoopen. Hiertegen verzette Pruisen zich, en velen vreesden, dat de Luxemburgsche kwestie aanleiding zou geven tot een oorlog tusschen genoemde twee groote staten. In 1867 werd de zaak evenwel te Londen bijgelegd. Het groothertogdom zou voortaan een onzijdige

Sluiten