Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De vergadering viel in.

Toen de bijeenkomst afgeloopen was, vroeg dominee M' Millen Sankey naar voren te komen om voorgesteld te worden aan Moody.

Toen Sankey naderbij kwam, nam Moody die hem herkende als dengeen,»die het lied had ingezet, hem bij de hand en zeide:

»Waar komt gij vandaan?"

»Pensylvania," antwoordde Sankey.

«Gehuwd ?"

»Ja, ik heb een vrouw en twee kinderen."

»Welk is uw middel van bestaan, als ge thuis zijt?"

»Ik heb een gouvernementsbetrekking."

Al dien tijd had Moody Sankey's hand vastgehouden. Hem strak in het gelaat ziende, zei hij:

»Wel, ge zult die betrekking moeten opgeven."

De heer Sankey stond verbaasd en verkeerde in onzekerheid over Moody's bedoeling met het zeggen, dat hij moest opgeven, wat voor hem een goede positie was en hem een goed brood gaf. Hij was een oogenblik zoo verbluft, dat hij geen antwoord kon geven. Moody verklaarde zich nader.

»Ge zult uw gouvernementsbetrekking moeten opgeven en met mij mee gaan. Gij zijt de man naar wien ik de laatste acht jaar uitzie. Ik wensch, dat ge met mij mee zult gaan en mij helpen bij mijn werk in Chicago."

Sankey was nu weer eenigszins tot zich zelf gekomen van zijn verbazing; maar de gedachte een goede positie te verlaten voor iets onzekers was te veel en hij vroeg

Sluiten