Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XXII.

Kroniugsdag-.

De 22s'e December is voor de halve wereld de kortste dag des jaars, voor D. L. Moody werd die van het jaar 1899 het begin van den dag, die geen nacht kent. Vierenveertig jaar lang had hij deel gehad aan het goddelijk leven en de overbrenging van het zienlijke tot het ongeziene, van het tijdelijke naar het eeuwige, was geen onderbreking van zijn leven. In andere werelden gaat hij voort denzelfden Meester te dienen, Wiens zaak hij met toewijding liefhad en met onvermoeide geestkracht diende. Zijn eenig doel in dit aardsche leven was geweest den wil van God te doen en met kenmerkende bereidwilligheid antwoordde hij op Gods laatste bevel.

Tot weinige uren vóór het einde, dacht Moody even als zijn gezin, dat hij aan de betere hand was. Den dag te voren scheen hij iets zenuwachtiger dan gewoonlijk, maar hij sprak bemoedigend over zich zelf.

In antwoord op een vraag of hij zich op zijn gemak gevoelde, zei hij:

Sluiten