Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Naar den horlogemaker? Door zulk een sneeuwstorm vier mijlen ver naar de stad loopen ? Ik vrees, papatje, dat zij er geen zou vinden, die heden avond zoo maar naar hier waadt!"

„Zoo, zoo; duivels ja, ik vergeet het gedurig nog, dat wij, Gode zij lof en dank ! in een dampkring ademen, welke mijlen ver door geen stadslucht wordt verpest. Fameus, Jetje! 't is bepaald te prettig. Hoor eens, hoe het daarbuiten huilt, men zou zich kunnen verbeelden, dat het wolven waren; en op dit oogenblik ploffen weer een paar pannen van het dak — een prachtige storm! Frisch en gezond. Die blaast eens krachtig door en sleept geen bacillen en geen straatstof met zich mede! En hoe heerlijk is het hier in het warme vertrekje! Geen vervloekte gangbei, welke iemand elke minuut doet opspringen! Geene ordonnansen, geen visite, ik behoef niet elke tien minuten mijn koude uniformjas aan te schieten, omdat een paar vervelende menschen het zich in het hoofd hebben gezet de kamers vol sneeuwwater te stampen! Niet waar, Jetje, je vindt dat ook een prettig leven? Jetje, hartje .... Bommen en granaten, waarom antwoordt je dan niets?!"

„Maar Muis!" — Jetje trok den opgewonden man liefdevol weder op den stoel, waarvan hij was opgesprongen, neder. „Ik telde juist de kruisjes hier zie je... . dat patroon eischt oplettendheid, — één. twee kruisjes .... steek ,.. . één, twee kruisjes .... dubbele steek."

„Die vervloekte kruisjes! smijt ze in den hoek, Jetje, dat eentonige getel kan iemand razend maken! Hoor dus eens. Jetje, dat de vrouw van den Generaal.... en die geelsnavel van een majoorsopsnijdster je hier niet meer ergeren kunnen, en dat de huiseigenaar geen schandaal meer maakt, omdat de dienstboden de wasch onuitgewrongen op zolder ophingen en het water bij stralen doorzijpelde.... he, Jetje, heb je niet een gevoel of je in den Hemel bent?"

Mevrouw Koltitz stak een nieuwen draad in de naald.

Sluiten