Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over hem geveld. „De Geheimraad heeft volkomen gelijk, het talent van den bengel heeft absoluut niets te beduiden. Hij bezit noch volharding, noch den waren, innerlijken drang, welke geniale scheppingen doet rijpen, onverschillig of de buitenwereld daartoe bijdraagt

of niet Er groeit nu en nimmer iets uit hem. Zoo

aanmatigend en voor het uiterlijk als hij, is niet iemand van Gods genade. Zijn oude heer spreekt de zuivere waarheid, het is maakwerk, niets dan maakwerk. De treurige bastaardvrucht van de opvoeding eener moeder, die haar zoon reeds bij zijne geboorte den lauwerkrans op het hoofd drukte.... 't Is wat te zeggen, met zulk een krankzinnig wijf. 't Is haar alleen te wijten, als de slungel een versjouwde losbol wordt."

Wigand had het zwijgend mede aangehoord. Zijn blik rustte op Erika's gezichtje, dat tot de lippen bleek was geworden. Met vonkelende oogen wendde zij zich verwijtend tot den ouden Heer en zeide:

„Papa! ook gij begint steenen op hem te werpen? Gij', van wien we zooveel, zoozeer veel voor Joëls

lot hoopten?"

„Hopen en wachten maakt velen tot gekken; dien Monsieur Joël in de eerste plaats!'

Er glinsterden tranen in de oogen van het jonge meisje.

„Zoudt gij niet aan den Geheimraad schrijven en hem voorstellen, dat hij zijn zoon terugroept?"

„Als musicus? Neen. Ik spreek niet tegen mijn overtuiging. Het is ten hoogste tijd, dat de jongen wat leert, want bij zijne composities kan hij gaan bedelen, als zijn vermogen is doorgebracht."

Erika ging zwijgend naar de deur. Maar Wigand zuchtte diep en zeide: „Gij hebt, helaas, volkomen gelijk, Oom. Ik voor mij weet wel is waar weinig van muziek, doch als dat, wat Joël ons te hooren geeft, zijn gansche rijkdom aan genie is, dan weegt zijn kunst verduiveld licht. De vlijt ontbreekt, voor alle dingen de vlijt. Hij verlangt, dat de kunstwerken hem

Sluiten