Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blijven staan en Joël amuseerde zich met een bloeiend olijftakje, dat hij uit de bloemvaas van de koffietafel trok, op haar te werpen.

„Componeeren!" zeide hij lachende, „wanneer moet ik bij onze tegenwoordige levenswijze aan het componeeren ! Over dag moet men rondslenteren, om land en volk te zien, eten en drinken, en 's nachts — nu, dan houdt men zich ook met het bestudeeren van het volk en zijn muziek onledig, — gij ziet toch zelf dat ik geen tijd heb om op mijn verhaal te komen! — Sapristi, die fameuze kleine feeksen daar beneden! — infaam, dat zij geen Duitsch verstaan! —Men leert op het gymnasium allen mogelijken Griekschen onzin, maar zoo'n paar volzinnen, welke men noodig heeft om wat malligheid te maken — hahaha! — maar of het Griekinnen, Duitschen, Engelschen of Franschen zijn — een kushand verstaan zij allen!"

Mevrouw Elly belorgnetteerde het donkeroogig klaverblad, en zuchtte zacht bij de inspanning zich op te moeten richten. „Als ze je maar eens een paar volksliederen voor konden zingen! — De melodieën, welke op het platteland weerklinken, zijn zeker nog niet over de grenzen gedrongen en bekend geworden!"

„Als die verduivelde taal er maar niet was, dan ging ik rondslenteren en beproefde in den maneschijn tusschen de rozenhagen de tongetjes der bontrokkige nachtegalen los te maken!"

Mama geeuwde. „Neem dan een woordenboek!"

„Mijn hemel, welk een rennen met hindernissen!! ik verover liever stormenderhand. Bovendien bederft het lezen bij maneschijn de oogen!"

„Ja nu — het „hoe" is jouw zaak."

Joël keek naar de pendule. „Halftwaalf! — ontzettend vroeg op den dag! — Wat moet men nu tot de lunch beginnen ? De eenige Duitsche courant heb ik reeds doorgezien!"

„Wellicht zou je thans een beetje kunnen compo-

Sluiten