Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spoedig gezien en als overwonnen standpunt op zijde gezet. Men heeft ook in Duitschland overvloed van ruïnen en ouden rommel, veel verheerlijkt en bezongen, dat is zelfs liefhebberij. Joël ziet liever een moderne, in goeden stijl opgetrokken villa of een elegant opgebouwde burcht aan den Rijn. Hier, op dit veld van marmeren puinhoopen moet men oudheidkenner zijn om met geestdrift vervuld te kunnen worden.

Ook een leek erkent de schoonheid van de enkele -deelen en van het geheel wel, maar hoe bij mogelijkheid een gedachte uit die gebarstene zuilen te 2uigen, — dat kan men niet. —

En hoe staat het met de beroemde kleftenliederen ? Na lang, vergeefsch zoeken hielp een Duitsch koopman, met wien hij in het bierhuis van Berniudakis kennis heeft gemaakt. Hij reed met den landsman naar buiten, naar de haven van Piraeus. Daar zit een visscher in een boot en wacht op gasten, die een watertochtje wenschen te maken. Hij vindt ze. En terwijl hij het slanke scheepje met gespierde armen in den blauwen vloed voortbeweegt en met schitterende tanden lachende zegt. „lal san vapore! — het gaat als met stoom" — onderhandelt de koopman in vloeiend Grieksch over •een muzikale voordracht.

Zoo onmuzikaal als de Grieken zijn, zoo gaarne en zooveel zingen zij. Ook Dimitris laat zich niet lang bidden en geeft het eene oude kleftenlied na het andere ten beste. 11ij kent ze schier alle, en bewijst ze een plechtige, schier aan godsdienstigen eerbied grenzende vereering. Het is een mooie jongen, bruin, slank, met bliksemende oogen. Hij draagt slobkousen aan de boenen, een slobberige fustanella er over en een min •of meer afgedragen, met zilver gestikt wambuis met loshangende mouwen. De roode fez met een gouden troetel zit fier op het gekroesde haar — en toch krijgt •de fantastisch-stoute verschijning van den jongen man iets slaps en gedrukts, als hij met voorover gebogen hoofd en eentonige stem de liederen aanheft.

Sluiten