Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tenminste over het algemeen noemt! Ik heet Daphne."

En nu hadt gij het tooneel in den kelder moeten zien. Vóór de hoog opgestapelde vaten de slanke, fantastisch gekleede vrouwengestalte, waarmede tegelijk golvende zonneschijn in de donkere ruimte was binnengedrongen.

Den kristallen kelk hoog in de hand houdende, de lichtvonken goudachtig rood er in te zien weerspiegelen, het in een sluier gehulde hoofd zelf met vlammend licht overgoten, stond zij daar en proefde de Mavrodaphne, de godin Daphne naast haar zuster!

De proef liep gelukkig af, zij verkoos den wijn tot haar lievelingsdrank. „Uit overtuiging!" schertste zij, „niet alleen omdat hij mijn naam draagt."

„Wil Mevrouw, al is het wat laat, nóg niet als peettante over hem staan?"

Zij barstte in een lach zoo helder als zilver uit. „Een kostelijk idee! Zeker wil ik het!" en den bloemkrans uit het haar losmakende, legde zij dien op het vat neder. „Maar wat er aan te doen, als ik eens de dertiende fee was?" Een zonderling scherpe trek vormde zich om haar mond, „nog brengt het een man geen geluk aan, als hij zijn ziel aan een Daphne schriftelijk verpand heeft! Apollo's hartstocht voor haar stierf niet in den onsterflijken God, en evenals Daphne eens hem ontvlood, zoo ontvlucht zij ook thans nog zijne jongeren !"

„Pardon, Mevrouw! — Ook de grillige kleine godin maakt hare uitzonderingen! Ik ken bijvoorbeeld een musicus, Spiro Malia genaamd, wien deze „Mavrodaphne" de hoogste gunst bewijst, ja, Van wien zij zelfs een muzikant maakte!"

Hare lange, donkere wimpers zonken trillend over de oogen. „Waarlijk, deed zij dat ? en zoo zij het deed, wie zegt u, dat het uit een goed hart geschiedde? Gij weet, dat ook onder de Olympiërs Daneërgeschenken mode zijn. Er bestaat vrouwengunst, welke in zekere mate het doodvonnis voor den gelukkige in zich sluit. —Moge de Daphne en de „Mavrodaphne"

Sluiten