Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een schijnleven, dat de diepinnigste bevrediging, de reine, ideale vreugde over het stille voortbrengen, volstrekt ontbeert. — Onze kunstenaars heden ten dage leven veel te snel, te zenuwachtig, te rusteloos en te verdeeld in duizend belangen, oogmerken en wenschen, zoodat zij volstrekt niet meer tot het ware bewustzijn van rustige Godsgenade komen. Heden ten dage vormt zich geen talent meer in de stilte, maar het wordt — met kracht en geweld groot gebracht — reeds als wonderkind van het eene kijkspel naar het andere gesleept! — Zijn die afgejaagde menschen inderdaad van God begenadigd ? — — Ik stel mij voor, dat die benaming in een lang, lang vervlogen schoonen tijd is ontstaan, toen de kunstenaars nog hunne werken schiepen, om in een gewijd stil uur de kus van den God, die hen begenadigt, op het voorhoofd te voelen."

Een oogenblik heerschte er diepe stilte, vervolgens hief Joël met een niet te beschrijven glimlach het schoone hoofd op. „Indien een spoortrein evenzoo derailleerde, als zooeven onze gedachten, dan zou er een ontzettend ongeluk gebeuren!! — Wij begonnen met een uiterst opgewonden liefdesverklaring aan Mevrouw Daphne, — en wij eindigen met een molaccoord over de verdorvene toestanden der kunstenaarswereld ! — De glazen in de hand, heeren en dames ! — Een pereat over den kunstenaar, die wanhoopt aan de taak, in iedere vrouw een hart te ontdekken of te wekken!" Luide, eenstemmige bijvalsbetuigingen.

Op den brief aan Mevrouw Daphne werd een adres geschreven, en de Consul nam op zich, hem nog denzelfden avond in Patras op de post te bezorgen.

Als een droom vervlogen de dagen.

De stemming van den jongen Eikhoff werd voortdurend opgewekter, hoe meer hij gelegenheid vond, Spiro Malia als componist te leeren kennen.

Naderde de avond, dan overviel hem een wezenlijk koortsachtige gejaagdheid, om naar het spel van den beschonken man te luisteren. Hij zat ter zijde aan een

Sluiten