Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Komt er storm en onweder, dan kan alleen zijn hand haar beschutten. Zij is een weeze, die zonder hem verlaten en verloren zou zijn. Hij is haar vader en broeder te gelijk.

Zij gelooft in hem, als in zichzelve.

Dikwijls heeft zij zich zelfs reeds betrapt op de gedachte, hoe heerlijk het toch zou wezen, als Joel zóó als Wigand kon zijn!

Joel is haar ideaal, maar het is niet volkomen. Zijn schoon uiterlijk, dat haar jonge ziel verblindde en verschalkte, is het schild, waarmede hare liefde zich tegen elke kettersche gedachte wapenen wil, maar het schild is niet solide en sterk genoeg, om haar scherpen geest voortdurend weerstand te bieden.

Hoe meer Erika zich in het karakter van haren held, dien zij in de „Spooksels" schilderde en die de kopie van Joël EikhofF is, verdiepte, des te meer onthulde zij voor zichzelve al de zwakheden en gebreken, welke hem aankleefden. En geheel onwillekeurig, zij wist het zelf niet hoe, werd zijn tegenstander gaandeweg al meer en meer met zielseigenschappen van een Wigand opgetooid, werd de stille, bescheidene man het kort begrip van het goede en edele, terwijl de schitterende heldengestalte onmerkbaar al meer en meer verduisterde, — door de eigene schaduwen, welke hij vóór de zon -wierp.

In het jonge meisje zelve greep er onbewust heimelijk een verandering van gevoelen plaats, waarvan zij zich vooreerst nog geen rekenschap gaf.

Geen uitwendige, groote, diepingrijpende aanleiding had er toe bijgedragen, haar smaak onmerkbaar te verfijnen en te veredelen; geheel uit zichzelve kwam de verandering tot stand, als een louteringsproces, dat diep inwendig plaats grijpt, eenvoudig opgewekt door de geheimzinnige krachten der natuur, welke zelve worstelen om tot volkomene ontwikkeling te komen, als vreemde invloeden de goede kern willen omhullen en verstikken.

Sluiten