Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in de hand houdende: „Om u te dienen, Mevrouw. Meneer de Graaf was thuis en zal met veel genoegen van uw vriendelijke uitnoodiging gebruik maken."

„Goed, verder rijden!" — Mevrouw de Geheimraad zag er zeer geblaseerd uit, maar hare oogen fonkelden onder de gazen voile.

„Natuurlijk, hij komt, ik kon het me voorstellen, — de'menschen komen toch allen zoo razend gaarne bij ons, en wat dezen Graaf Neszlar betreft," — Elly glimlachte afgemat en neigde het hoofd vertrouwelijk tegen Erika's schouder: „die koestert nog een bijzondere verwachting. Hij heeft namelijk een zuster, een schoon, imposant meisje, volbloed aristocratisch, daarbij rijk en talentvol — en ... . hahaha tot over de ooren op mijn Joël verliefd! — Arm ding! Ik geloof niet, dat mijn arrogante slungel ook maar het geringste voor haar voelt, — de harten vliegen hem toch als zwermen sprinkhanen tegemoet, en ik heb het reeds als een Danaïdenarbeid opgegeven, al zijne aanbidsters te kennen of nog notitie van de zuchtende jonge dametjes te nemen!"

„Maakt die algemeene aanbidding Joël niet erg

zenuwachtig?"

„Van tijd tot tijd, ja, als men hem al te zeer met liefde of haat lastig valt. In het algemeen behoort het toch tot zijn levenselement, zich te laten vereeren en beminnen. Vrouwengunst is voor hem de lucht, waarin hij ademen moet, zonder haar kan hij niet bestaan, maar hij acht ze ook niet hooger dan lucht! Wat hem heden opwekt en opvroolijkt, is morgen reeds een overwonnen standpunt. Dat is ook maar goed zoo! Een kunstenaar moet vrij zijn; zoo hij steeds aan een en hetzelfde punt wil blijven kleven, verlammen zijne vleugels en dragen zij hem niet meer tot de zon omhoog!"

Het rijtuig hield vóór een elegant, prachtig versierd portaal stil en de spreekster richtte zich haastig op.

„Nous voila, mijne lieve kinderen, nogmaals hartelijk

Sluiten