Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wigand, om hun beschermend de handen toe te steken.

„Nu kinderen — ben jelui geheel — of half weg?" vraagt hij gekscherend.

„Erika is sprakeloos en Landen kan geen woorden vinden — nu — ook in dit zwijgen ligt een loftuiting, dezelfde, welke der schoone Helena ten deel viel, toen zij in den raad der mannen trad en deze bij haar aanblik van verbazing en verrukking eveneens — -— zwegen!" — Hij lachte goed geluimd, terwijl hij tegelijkertijd zich ietwat voorover boog en strak in de tegenoverliggende loge keek.

„De schoone Helena!! bless me! als men van den vos spreekt, staat hij reeds achter de schutting! — Zie toch eens, heidebloempje, welke een eigenaardige vrouwengestalte mij zooeven de eer bewijst haar tooneelkijker op mij te richten! — Herkent gij de dame, Erika? Ik bedoel die in het wit gekleede — a la Grieksch standbeeld!"

„Zij is me reeds als interessante schoonheid opgevallen!" zeide het meisje verstrooid toestemmend knikkende, terwijl Wigand ietwat afkeurend het hoofd afwendde.

„Hare verschijning is zoo opvallend, dat ik het niet volkomen met mezelven eens ben, tot welk genre van emancipatie ik ze brengen moet!"

„Opvallend! — jou kuische Jozef! Als je dat decente toilet reeds opvallend noemt, wat zul je dan wel bij den aanblik van onze extravagante schoonen zeggen! Gene dame heeft zich ietwat Grieksch gekleed — de gouden gordel, de frisuur met den antieken diadeem — vindt je het ietwat smakeloos ? ik niet. Ah! eindelijk laat zij den kijker zakken. Welk een charmante glimlach! Ik geloof, dat zij bloost onder mijn blik! Geestig, pikant gezicht, — geheel mijn smaak! Aha . . . Madame wil een weinig de coquette spelen .... goed, ik neem Amors handschoen ten teeken van uitdaging tot den strijd op!"

Joël streek het donkere kneveltje uitdagend in de

Sluiten