Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sluier omhulde het hoofd en viel tot diep op het voorhoofd neder.

Hare donkere oogen staarden met gloeienden blik in de zijne.

Toen Joël naast haar stond, wendde zij zich weder tot den bediende.

„Kijk eens of het rijtuig er is, dat wachten is onverdragelijk!"

Uitstekend — zij sprak Duitsch.

De oogen van den jongen componist schitterden koen en overmoedig.

Eer de schoone vrouw het kon vermoeden had hij den hoogen hoed met een elegante, ietwat korte beweging van het hoofd gelicht.

„Mevrouw de Barones was zoo beleefd mij uit te noodigen — ik zal in geen geval mankeeren van de zoo aangename uitnoodiging gebruik te maken!"

Hij glimlachte, neigde voor de sprakeloos en verbaasd hem aanstarende vreemdelinge en trad bedaard door het portaal, om naar zijn equipage uit te zien.

Een donkere blos vlamde over het gelaat der „dame in 't wit", een dergelijke verrassing had zij nog nooit tevoren beleefd, en zoo lang zij denken kon hadden haar nog geene woorden zóó doen ontstellen, als deze korte, weinige, welke zooeven — zonder eenigen twijfel in misverstand — tot haar gesproken waren. Zij huiverde, zij ijlde als een slaapwandelaarster naar haar rijtuig en liet het kopje in de kussens zinken.

Welk een voorval, welk een avontuur!

Joël Eikhoff, de schoonste, de beroemdste, de gevierdste man, had haar aangesproken, had haar zijn bezoek aangekondigd of veeleer een uitnoodiging aangenomen, waarvan zij volstrekt niets vermoedde!

Had hij zich in haar vergist?

Ondenkbaar, een tweede verschijning als die van Daphne bestond er in de gansche residentie niet, en noemde hij haar niet „Barones" ? — Bah, hoevele Baronessen zijn er niet op de wereld en vele uitnoodi-

Sluiten