Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn voorhoofd, en de blik, welken hij op haar gevestigd hield, werd gaandeweg vuriger, als vlamde er een nieuwe, machtige gewaarwording in de borst van den opgewonden vrager op. Hij wierp zich in een stoel en schudde zwaar ademhalend de donkere lokken van het voorhoofd.

„Zoudt gij dat inderdaad niet vermoeden? — Wat speelt gij uitstekend de onnoozele, en toch verraadt uw blozen en uw verlegenheid de dichteres der Dorpslurley."

„Dichteres der Dorpslurley??"

„Waarom ontstelt gij zoo, als een schoon masker, dat eensklaps haar naam hoort noemen? — Loochent gij het misschien nog, den tekst der Dorpslurley opgesteld te hebben? Het geurige briefje, dat mij verzekerde, dat alleen de levendigste belangstelling in mijn talent, sympathie voor en groote verwachting van mijn kunst dien tekst hebben opgesteld, om mij van dienst te zijn, — dat briefje hebt ^'geschreven!"

Zij staarde hem met groote, verbaasde, schier ontstelde oogen aan, en hief afwerend de handen op. „Neen, neen, ik verzeker u . . . ."

Hij vatte onstuimig die kleine handen. „Verzeker me, dat ik de gelukkigste der stervelingen ben! Daphne — de gedachte, dat gij dien tekst hebt opgesteld brengt me in een waar delirium van verrukking!"

Een oogenblik bleef zij roerloos staan. Een scherpe, vragende, angstvallig onderzoekende blik tintelde onder hare lange wimpers, daarop liet zij ze weder dieper over. de oogen zakken. Het was alsof zij voor het oogenblik een strijd streed, het was alsof zij overwoog en met zichzelve te rade ging.

Daarop schudde zij driftig het kopje, maar haar voorkomen openbaarde nog grootere verlegenheid. — „Waarom kwelt gij mij met dingen, waarvan het beter is, dat zij tusschen ons onopgehelderd blijven?" vroeg zij zacht met veel omzichtigheid.

„En waarom wilt gij ook thans nog verstoppertje met

Sluiten