Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelach, van een vertrouwelijk keuvelen en liefkoozen, en door de vensters straalt schel licht.

„Erika!" roept hij nog eenmaal, — en zakt zwaar ineen. Koud, ijskoud dekt de sneeuw hem toe — —

Met een zacht gerochel schrikt Joël op. Heeft hij gedroomd? Ja, hij droomde een akeligen, wilden droom.

Het is koud in de kamer, het vuur ging gedurende den nacht uit. — Hij richt zich op om te bellen. Hij heeft het eensklaps zoo koud, alsof hij werkelijk vóór de deur van het heerenhuis in de sneeuw heeft gelegen! Gekheid — Ellerndörp moet Joël Eikhoff nimmer wederzien, zooveel weet hij. Beneden ratelt een rijtuig, de huisdeur valt kletterend in het slot, — Erika heeft hem verlaten. Hij strijkt met de hand over het voorhoofd, alsof hij een onaangename gedachte wilde wegwisschen.

De bediende treedt binnen.

„Laat onmiddellijk hier in de kamer vuur aanleggen, Hendrik, ik wil me nog te bed begeven.

„Om u te dienen, Mijnheer. — Hier is ook nog een pakje, dat gisterenavond bezorgd werd, ik kon het Mijnheer gedurende het feest niet ter hand stellen.

„Laat zien."

Joël nam het kleine pakje en rukte werktuigelijk het witte, verzegelde papier open. Hendrik stond nog bij de deur. Gebelgd keek Joël op: „Nu ? wat is er nog ?"

„Mijnheer von Landen en Mejuffrouw Ivoltitz zijn zooeven vertrokken!"

„Jawel, ik weet het. De moeder van Mejuffrouw is plotseling ongesteld geworden. Hebben mijnheer en de juffrouw ook nog een boodschap achtergelaten .J

„Neen, Mijnheer."

„Goed!"

De deur werd gesloten. — Geen woord, geen vaarwel, geen groet! Ja nu, wat voor boodschap zou de kleine ook achterlaten, zij vertrekt toch in rechtmatigen wrevel en toorn.

Sluiten