Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Menigmaal zagen zij elkander alleen bij het middagmaal, dikwijls verliepen er dagen, zonder dat zij elkander in de salons ontmoetten.

Daphne werd van dag tot dag slechter geluimd. Zij beklaagde zich bitter, dat zij het bij die Julihitte in de stad moest uithouden en drong slecht geluimd op een reis naar een badplaats aan.

Joël deed aanvankelijk alsof hij die wenschen niet hoorde, daarop verklaarde hij kalm en ietwat ironisch, dat deze zomer het huiselijke nastuk der huwelijksreis was. Zijn arbeid was zoo dringend, dat hij daaraan elk genoegen, ook dat van zijn gade, ten offer moest brengen.

Zij drukte de tanden in de lip en hulde zich in het stuursche, onverdragelijke zwijgen, dat zij zoo gaarne als straf op hem toepaste.

En weder was het een zwoele, verstikkend heete zomerdag. Eikhoff had met een vloek de pen van zich geslingerd en de finale tot een gelegener uur uitgesteld.

Hij zat vóór het klavier en beproefde de gedachte, welke hij uitspinnen wilde, eerst op de toetsen bij elkander te zoeken.

De deur werd opengeworpen en Daphne stond op den drempel. — Zij kwam hem zeer gelegen, de eigenaar van het huis had een brief gezonden en verzocht, zoo goed te wezen de huur der dure woning maandelijks te betalen, evenzoo hadden de slachter en de handelaar in lekkernijen door de huishoudster hun desbetreffenden wenscli over laten brengen. Ook de dienstboden verzochten, dat hun loon om de vier weken mocht uitbetaald worden.

Joël verkeerde juist in de stemming, om aan zijn gade de mededeeling te doen, dat hij alles voor haar had opgeofferd en zich voor het oogenblik zoo goed als „vis-a-vis de rienn bevond.

Hij hief het hoofd op en keek haar met vurigen blik aan. Zijn bleek, verslapen gezicht zag er oud uit. De schoone lijnen waren scherp geworden, de verwelkte

Sluiten