Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de edele manhafte Schutterij van Leiden, en J. M. Ditschaae leermeester in de Rekenkunde en boekhouder, worden gecommitteerd en krijgen eene geschreven volmacht mede Zij kwijten zich naar wensch van hunne taak en deelen dit den 17en October mede. Door den Heer Bentinck tot beschermheer te benoemen, verzekeren bestuurders zich blijvend van zijn voorspraak. Het duurt echter tot 14 Mei 1788 eer besloten wordt eene commissie te benoemen, om tot den Prins zeiven toegang te zoeken, en den beschermheer Bentinck wordt verzocht of hij ,,praealabel wil ad\ei„teeren, als de deputatie den 20sten Mei toegelaten "wordt en dit met zijn veelvermogend appuy te "secundeeren." Het gelukt; den 20sten worden zij bij Z. D. H. toegelaten en de Prins antwoordt, dat hij naar het Genootschap zou vernemen, en zich dan nader verklaren. Zij moesten maar eens terugkomen. Den 23sten wordt nu de leermeester der beide Prinsen Prof Herman Tollius in den arm genomen. Maar deze antwoordde, dat Z D. H het te druk heeft gehad om berichten in te winnen en zij dus hoogstdeszelfs terugkomst van het Loo moeten afwachten ^

Weder trekken zij naar 's-Gravenhage om Tollius op 't hart te drukken zijnen steun te verleen en. Intusschen wordt den 4 Aug. de Graaf Bentinck op zijn verzoek als Beschermheer geïnstalleerd op eene oroote vergadering. Den 21 Augustus komt liet heuglijk bericht van Prof. Tollius, dat de Prins zicli bereid verklaart, waarop den 22sten Augustus de plechtige benoeming van den Prins tot beschermheer volgt. Na de noodige vergaderingen en brieven gaan P. van Campen, Ditschaar en' de student W. P. van der Streng Kluit (Van Coeverden was ongesteld) naar 's-Gravenhage en genoten den 27 Augustus de eer om aan den Prins, in de Oranjezaal, plechtig het Eerste Beschermheerschap of Protectorschap op te dragen en het Diploma daarvan te overhandigen. Het blijde nieuws werd den leerlingen medegedeeld, en „liaailieden tevens tot naarstigheid aangemaand." En nu laat het Bestuur den Prins geen rust. Zij vragen (24 Sept.) zijne „approbatie" als- zij de Professoren Van Roijen, Damf.n. Kluit en Van de Wijnpersse tot beschermheeren willen verkiezen, en toen dezen daarvoor bedankten, of zij den hoofdschout van Leiden

Sluiten