Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ons voorstellen dat onder al deze geparuikte Heeren in hunne sierlijke kleeding is ten toon gespreid. En toch dit moet' ons veel minder treffen dan wel de gezindheid, die bij de bestuurders en leden en beschermers heerschte Zij zijn vervuld van al de humanitaire leuzen van dien tijd, ter eener zijde algemeene menschenmin, aankweeking van burgerdeugd, verspreiding van beschaving en kennis, onderwijs aan de kinderen des volks, zonder op eenig loon aanspraak te maken; en daarnevens liefde tot het vaderland, aankweeking van bekwaamheid tot het krijgswezen te lande en ter zee, om het vaderland te verdedigen 1).

Gij bemerkt, dat zijn ook de leuzen der patriotten. Alleen de vrijheids-uitingen ontbreken. Van patriottische wachtwoorden doet zich geen toon hooren. Integendeel, zij zijn vervuld van liefde tot Oranje, zoowel de Heeren als de burgers en de studenten. De landmeter van Camp ex spreekt tot den Prins „als de aanzienlijkste burger des „Vaderlands die van de Goddelijke Voorzienigheid tot „de verhevenste waardigheid in het gewichtig Staatsbestuur van dit Gemeentebest verordent is " Zij zoeken tevens den steun der Regenten, die niet aarzelen met hen mede te werken en Oranjegezind zijn -). De leermeester v. d. Bkoek die nog tot in 1856 bestuurder zou zijn en teekenonderwijs geven, en 9(5 jaren oud worden, verdedigde in het Genootschap : „Kunst door oefening aangekweekt" op den 6den September 1788 de stelling: „van „alle regeeringen, is dat volk het gelukkigst, hetwelk „door één alleen gebiedend Vorst bestierd wordt".')

!) ,,Deze kweekschool is geenszins uit eigen belang opgericht, maar om, ware het mogelijk, het zuchtend vaderland, met dezer eertijds bloeiende, doch nu te jammerlijk vervallene stad, bij te staan, door middelen niet onevenredig aan de daden onzer Voorouderen."

(Toespraak van P. van Campen aan den Prins).

'-) Zoo Oranjegezind was toen ter tijde de stemming in Leiden, dat de Prins, die veel door de stad wandelde, na afloop der morgencollegies, eens in eene achterbuurt gevaar liep om een pak slaag te krijgen, wijl hij geen Oranjelint droeg Zoodra hij zijne jas opende en het gemeen de ster op zijne borst zag, barstte het in vreugdejuich uit.

3) De meeste bestuurders uit den ambachts- en onderwijzersstand, de v. Campens, v d. Broek, Geerling, Rijk, Ditschaar, v. d. Snoek. v. d Horst, Aalbertsberg, Meerburg, waren ook lid van het Genootschap: „Kunst door Oefening aangekweekt", waar stellingen verdedigd werden en natuurwetenschappen beoefend. De notulen van dit genootschap berusten in het Archief van het Genootschap.

■B

Sluiten