Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Welk een verschil met den tegenwoordigen tijd, nu wij altijd in korten tijd antwoord ontvangen — nu wij hij B. en \V. in de eerste plaats, en ook bij den Raad, een open oor vinden voor alles wat de bevordering onzer belangen betreft, en voldoende toelagen ontvangen. Indien wij bedenken, hoe het toen in de stadsfinantiën te Leiden toeging en booze kobolden op het Stadhuis werkzaam waren, dan kost het den verhaler van de geschiedenis van M. S. G. in deze dagen eenige moeite om een gevoel van ergernis te bedwingen. Is dit gelukt, dan vraag ik mij af of ik ongelijk heb, wanneer ik, ook bij deze zaak, den indruk ontvang, dat tussehen 1815 en '30 de gegoede burgerij meer gevoel had voor het herstel van haar eigen zoo gedund vermogen, dan voor het publiek belang. Zeker is het, dat de geest van 1785 geheel geweken scheen, en dat de ijver en het initiatief eerst veel later weder zouden wakker worden.

Maar, om op 1819 terug te komen ! Wilden de Regenten niets voor M. S (i. doen, de Koning wel.

Aan het bovengenoemde Besluit van 16 April 1819, waarbij de teekenscholen naar de Stedelijke Besturen worden verwezen, voegde hij toe, dat hij uit zijne eio-ene fondsen f 500.— aan het Genootschap schonk, uithoofde zijner bijzondere betrekking tot dat Genootschap. Bestuurders betuigden daarvoor hunnen warmen dank.

Sedert 1819 zijn jaarlijks de medailles aan de bekroonde leerlingen uitgereikt, uit naam van den Koning.

M. S. G. was dus weder op eigen krachten aangewezen. Langzaam ging het vooruit en won weder in leden (150 in 1834) in overeenstemming met de langzaam toenemende welvaart in Leiden. In 1833—1834 had het dan ook honderd acht en zeventig leerlingen, waarvan 41 begunstigers en 17 weezen, en kon ƒ 650.— voor kleine bezoldigingen aan de 12 hulponderwijzers uitdeelen. De onderwijzers v d. Bkoek. Rijk, Dr. Bevel, Meerburg, Montagne, Breuhaüs de Groot, gaven nog altijd kosteloos onderwijs. En toen nu in 1835 het halve Eeuwfeest naderde, en men besloten had zulks plechtig te vieren, toen durfde het Bestuur ook te rekenen op 's Konings medewerking. De Heeren Librecht Lezwijx. S. Meerburg en J. Montagne

Sluiten