Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat zou men in de wereld denken van iemand, die zijn leven zou inrichten naar dit woord? Men zou zeggen: „Het is een dwaas, niet in staat zich met zaken bezig te houden." O! maar men spot niet ongestraft met God. De Heer regeert in den Hemel; de volken mogen zich vermoeien en ijdele dingen najagen; de koningen der aarde mogen samenspannen tegen Zijn' Gezalfde! De Heer spot met hen, en hunne ellende zal weldra komen!

Wij zeggen dat de wereld wegkwijnt. Maar waaraan ontbreekt het dan toch? Aanpreêken? Neen! Aan godsdienstige tijdschriften ? Neen! Aan godsdienstige romans? O neen! Er is van dat alles genoeg. Aan theologische begrippen, aan schrandere beschouwingen? Neen. Aan zinnebeelden, aan geloofsbelijdenissen? Men maakt die bij dozijnen. Waardoor verkwijnt de wereld dan? Omdat er geen moedige, flinke, rechtvaardige en ijverige getuigen zijn, die met liefde tot de zielen spreken over wat God voor hen kan doen. Dat heeft de wereld noodig. Dat heeft de werkman noodig, de magazijnbediende, de slenteraar langs de straat, de najager van vermaken als schouwburgen, bals, en café concerts. Zij hebben allen iemand noodig die hen, met liefde, in den kraag pakt, om hen onder het oog te brengen, dat God God is en dat Hij hen kan zalig maken. „Hij heeft mij zalig gemaakt, mijn broeder; hij kan u ook redden." Dat is meer waard dan een preek. O ja! Er zijn overal duizende menschen, die in het binnenste van hun geweten zeggen, als zij het niet hardop doen: „Ik ben een arme slaaf der zonde; ik weet het wel!" Somtijds, onderden invloed van den Geest Gods, ontsnapt hun deze beken-

Sluiten