Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IN DE PAASCHZAAL.

Den laatsten nacht in zijn leven op aarde heeft onze Heer met de zijnen doorgebracht in de woning van een vriend te Jeruzalem, die hem gaarne de opperzaal had afgestaan voor den paaschmaaltijd.

Wij leiden u daar binnen in dien kring, op het gedenkwaardige oogenblik dat Johannes beschrijft in het 13e hoofdstuk van zijn Evangelie. Om de lage tafel in het midden van de zaal zijn de rustbedden aangeschoven waarop de feestvierenden aanliggen, voor den maaltijd, die wordt aangericht. Eén zijde is vrij gelaten, want daar moeten de spijzen worden opgedragen.

De plaats aan het hoofdeinde van de tafel is onbezet. Jezus is opgestaan. Met verwonderde blikken volgen de discipelen hem in zijne bewegingen.

Het lange opperkleed legt hij af. Blijkbaar wil hij iets gaan doen, waarbij dit hem hinderen moet. Hij neemt een linnen doek, bindt dien om het lijf, giet water in een bekken of kom, die daar gereed staat, en gaat nu rond bij zijne discipelen om hunne voeten te wasschen.

Sluiten