Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Juffrouw.

Nu zou ik weer zeggen, dat je een loopje met mij neemt. Tante, wat moet ik er toch van maken ?

Tante.

Je moet er niets van maken. Ik droom niet, en ben goed bij mijn stukken. En ik houd je ook niet voor den gek. Je moet het net zoo opnemen, als ik zeg.

Juffrouw.

'k Wou, dat Frits thuiskwam. Altijd blijft hij ook zoolang weg, als 't maar even kan. Ik ben doodongerust, tante.

Tante.

't Is onnoodig, hoor! Nu, ik moet nu toch wel even naar je moeder. (Zy staat op.)

Juffrouw.

Ja, maar ik durf je niet alleen laten gaan. 'k Ben veel te ongerust.

Tante.

Laat mij maar gaan, en probeer jij in je eenigheid eens, of je de lekkage ook vinden kunt.

Juffrouw.

Zeg mij dan, wat je bedoelt, tante.

Tante.

Goed. Weet je, hoe je gewaar kunt worden, waar het lek zit? Sla dan het Spreukenboek eens op, het 27e hoofdstuk, het 15e vers. Lees dat: daar staat, waar het lek in je huis zit.

Juffrouw.

Maar, tante, nu wordt het nog al onbegrijpelijker. Jebentheelemaal van de wijs.

T a n t e.

Ga maar eens kijken ! En als je dat gelezen hebt, dan ook het 13e vers van hoofdstuk 19.

J u ff r o u w.

Wat doe je toch vreemd, tante. Ik ben zulke vreemdigheden niet van je gewoon.

Sluiten