Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der gebouwde eigendommen; de raad van beroep, bedoeld in de wet omtrent de beffing van invoerrecht, en verder de raad van tucht der wet van 7 Mei 1856 (n°. 32) benevens de Algemeene Rekenkamer. \ gl. de wet van 27 Sept. 1892 (Staatsblad n°. 223) op de vermogensbelasting ; van. 2 October 1893 (Staatsblad n°. 149) tot heffing eener belastino- op bedrijfs- en andere inkomsten; van 16 April l80(> (Staatsblad ii°. 72) tot regeling der personeele belasting; van 2 Mei 1897 (,Staatsblad n°. 124) tot herziening van de belastbare opbrengt der gebouwde eigendommen; van 20 April 1895 {Staatsblad n . 54), noudende nadere bepalingen omtrent de heffing van invoerrecht naar de waarde der goederen; van 5 October 1841 (Staatsblad n . 40), houdende instructie voor de Algemeene Rekenkamer. Al die personen of colleges zijn toch inderdaad rechters, zij het dan ook slechts voor speciale zaken.

En wat voor den rechter zelf geldt, moet ook voor zijne medehelpers als griffiers, secretarissen, ambtenaren van het openbaar ministerie, auditeurs enz., gelijk ook voor de opsporingsambtenaren gelden; zij

staan onder zijne controle.

Vervolgens de Staten-Generaal; ten aanzien van hunne daden is administratieve rechtspraak uitteraard uitgesloten.

Ook deurwaarders, notarissen, hypotheekbewaarders, ambtenaren van den burgerlijken stand en het bureau van den industrieelen eigendom behooren aan de controle van den administratieven rechter onttrokken te zijn. De burgerlijke rechter oefent immers reeds toezicht o\ er hen. En ten slotte kan de administratieve rechtspraak niet tot handelingen van organen, met militair gezag bekleed, uitgestrekt worden. Vg. artt. 1 en 2 Ontw.

Dit is de eerste beperking; zij raakt de organen van opanbaar gezag. Er is nog eene andere; zn betreft den aard hunner daden.

No. 2. Beperking ten aanzien van zekere daden der administratieve organen. Wetten, wettelijke voorschriften, besluiten, weigeringen, handelingen.

Tegen wetsscliennis, gepleegd door de niet uitgezonderde organen van openbaar gezag — zi] worden in liet Ontwerp administratieve organen geheeten - behoort bij den administratieven rechter te kunnen worden opgekomen. Dat sluit echter niet in, dat over elke administiatieve daad geprocedeerd moet kunnen worden. De daden der Overheid vallen in twee soorten: in materieele daden (het doen afbreken van een huis b.v. of het uiteendrijven eener vergadering), en in uitspraken. Tegen materieele daden, in strijd met het publiek recht verricht, moet de "administratieve rechter bescherming kunnen verleenen. Maar hoe met de uitspraken ? Men onderscheide.

Vooreerst zijn er uitspraken van administratieve organen zonder eenig publiekrechtelijk rechtsgevolg, b.v. adviezen, niet bindende aanbevelingen en dergelijke meer. Zij behooren geen voorwerp van administratieve rechtspraak te zijn om de eenvoudige reden, dat zij nimmer iemand eenig nadeel kunnen toebrengen. Maar naast deze uitspraken

Sluiten