Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of handelingen te verrichten, worden beperkt door de verplichting, vooraf een rechterlijk vonnis te vragen, dat de machtsoefening vergunt. Wie dien kant opgaat, miskent niet alleen den publiekrechtelijke^ regel, dat eigenrichting op het terrein van het publieke recht aan de Overheid geoorloofd is, hij belemmert ook de Overheid in de riclitige vervulling harer taak.

Aan den rechter kan dus niet anders dan een recht van repressieve controle op de besluiten en handelingen der administratie worden toegekend. Eu tevens zal hij bevoegd moeten wezen na te gaan, of de weigering van een administratief orgaan, dat niet verkiest te handelen of te besluiten, overeenkomstig de wet is.

No. 2. Haar inhoud.

Waartoe zal die rechterlijke controle nu leiden? Tot de enkele verklaring, dat een besluit, een handeling, een weigering der Overheid onwettig is? Maar daarmede zijn de betrokkenen niet gebaat. I)e gepleegde rechtssc hennis moet ook worden opgeheven. De rechter zal dus niet alleen de wettigheid of onwettigheid van een besluit, een handeling of een weigering moeten kunnen uitspreken; hij zal, zoo mogelijk, ook bevoegd moeten zijn, den toestand te doen intreden, die ingevolge de wet bestaan moet.

Yoor zoover weigeringen der Overheid betreft, ligt het voor de hand, hoever de macht des rechters moet gaan. De wetsschennis bestaat liiet in niet handelen of niet besluiten, hoewel het publiek recht besluiten of handelen tot plicht maakt. De rechter moet derhalve een administratief orgaan kunnen veroordeelen, te doen of te besluiten, wat liet in strijd met de wet weigert te doen of te besluiten (artt. 183 en 185 Ontw.).

Hoe daarentegen, als in strijd met het publiek recht besluiten genomen of handelingen verricht zijn ? Een in strijd met de wet genomen besluit moet worden opgeheven. De rechter zal dus bevoegd moeten zijn, dergelijke besluiten te vernietigen. Het eenvoudigst wordt dit doel bereikt door te bepalen, dat een onwettig verklaard besluit geacht wordt nimmer bestaan te hebben (art. 278 Ontw.). Maar daarmee is de door de wet gewenschte toestand nog niet ingetreden, ten minste niet altijd.

Gaat liet om een besluit, dat de Overheid mag nemen, dan is de enkele vernietiging voldoende. Als het vernietigd besluit echter een besluit is, dat de Overheid moet nemen? Dan moet, zal de toestand intreden, die volgens de wet behoort te bestaan, een nieuw besluit het vernietigde komen vervangen. In dat geval zal de rechter de 0\eiheid daarom tevens moeten kunnen veroordeelen, om, overeenkomstig de wet, een nieuw besluit te nemen (artt. 183 en 184 Ontw.).

En welke is de bevoegdheid des rechters ten aanzien van materieelĀ© daden, door de Overheid in strijd met de wet verricht ? Anders dan besluiten, die bloot wilsverklaringen zijn met publiekrechtelijk rechtsgevolg, kunnen materieele daden niet worden te niet gedaan. Of de rechter ze al nietig zou verklaren, zij bleven met al haar gevolgen

Sluiten