Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

instantie over een besluit, eene weigering of handeling van de lagere administratieve instantie beslist, behoort ineens bij den rechter, die anders als appèlrechter fungeert, te worden aangebracht. Het dubbele administratieve onderzoek, dat reeds plaats gehad heeft, maakt hier een dubbel rechterlijk onderzoek minder noodig. En in alle geval, een dubbel rechterlijk onderzoek ware hier te omslachtig, te tijdroovend.

Ten slotte, de rechtspraak moet uniform zijn. In één hoogste college moet alle rechtspraak uitmonden. Hoe wordt die uniformiteit bereikt? Er staan twee wegen open: opdracht der rechtspraak in appèl en in eenigen aanleg aan een centraal college öf instelling van een cassatiehof, staande boven de colleges, die in hooger beroep en in eenigen aanleg recht doen. Dat de laatste oplossing, zoo men op de belangen der justiciabelen let, de voorkeur verdient, ligt voor de hand. Zij brengt den rechter in appèl en in eenigen aanleg, die dan in verschillende deelen des lands zal zetelen, dichter onder hun bereik'. Slechts de cassatierechter, wiens hulp minder veelvuldig en met minder kosten — er zijn getuigen noch deskundigen - - dan die van den appèlrechter wordt ingeroepen, troont dan voor het meerendeel der rechtzoekenden op verren afstand.

In groote. lijnen vertoont het schema der rechterlijke organisatie dus dit beeld:

1. rechters in eersten aanleg;

2. rechters in hooger beroep;

3. rechter in cassatie.

HOOFDSTUK III.

De rechterlijke organisatie.

§ 13. Eigenschappen van den administratieve,n rechter. Verband met de bestaande rechterlijke organisatie.

De administratieve rechter moet waarborgen voor deugdelijke rechtspraak bieden. Hij moet daarom onafhankelijk wezen, opdat hij onpartijdig zij; hij moet ook zekeren leeftijd bezitten, opdat hij rijk zij aan ervaring; hij moet tevens vakman, doctor in de staatswetenschap, zijn, opdat hij thuis zij in het administratieve recht. En dit alles is nog niet voldoende. Hij moet bovendien een man van erkende bekwaamheid zijn, opdat zijn uitspraak gezag hebbe. Het rechterambt moet daarom zooveel aanlokkelijks bezitten, dat de besten onder hen, die benoembaar zijn, eene aanstelling begeeren. De rechter zal dus goed bezoldigd beliooren te worden en uitzicht op promotie moeten hebben.

Mits de administratieve rechter aan deze eischen voldoet, is het voor de deugdelijkheid der administratieve rechtspraak volmaakt onverschillig, of hij als zelfstandige rechter of als onderdeel der bestaande rechterlijke macht wordt georganiseerd. Yoor de reclitsbedeeling in haar geheel is echter organisatie in den eenen of den anderen zin, al was het alleen maar om financieele redenen, een kwestie van ingrijpend belang. Langzamerhand is de bestaande rechterlijke macht

Sluiten