Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den der meergemelde leeftijdsgrens o p liun verzoek ontslagen worden. Ln het laat zich aanzien, dat menige rechter en raadsheer van deze gunstige voorschriften gebruik zal maken om een zoo verantwoordelijk ambt als het zijne vaarwel te zeggen op een oog-enblilc, dat, doorgaans, de werkkracht onder den druk der jaren gaat lijden.

Zoo komt de schatkist ook voor belangrijke uitgaven aan pensioenen t® staan. Maar zij schijnen toch grooter dan zij inderdaad zijn. De vóór de invoering der nieuwe wetgeving aangestelde rechterlijke ambtenaren, die gedwongen of vrijwillig, met de volle, thans genoten wedde als pensioen den rechterlijken dienst zullen verlaten, hebben toch krachtens de burgerlijke pensioenwet reeds aanspraak op zeker pensioen. Alleen het verschil tusschen dit pensioen en het thans genoten traktement is dus de zuivere uitgaaf, die het verplicht of vrijwillig ontslag van een der hier bedoelde ambtenaren medebrengt. Vg. artt.. 1.14 vlg. Ontw. (R. O.) II. De last dezer pensioenen is bovendien slechts tijdelijk. Met de jaren zal hij verminderen, om ten slotte zelfs geheel te verdwijnen.

No. 3. Bezuiniging op het personeel van den hoogen raad en de gerechtshoven.

locli doen de salarisverhooging' en, voor zoover het tegenwoordige rechterlijk personeel betreft, de invoering van een leeftijdsgrens de uitgaven voor de rechterlijke macht zoo stijgen, dat op andere punten naar bezuiniging getracht moest worden. Om van andere wijzigingen te zwijgen, wordt daarom in de eerste plaats het aantal raadsheeren, waarmede de hooge raad rechtspreekt, op vijf teruggebracht. Dan kunnen de hoven zeer wel met drie leden oordeelen. Hoe minder talrijk de raadkamer, hoe gemakkelijker de voorzitter het debat tot de ter zake dienende punten kan beperken. Dat leert het voorbeeld der rechtbanken.

' de hooge raad zou daarom met drie leden moeten rechtspreken, als de hooge wetenschappelijke standaard zijner leden hunne debatten m raadkamer niet reeds voor afdwalen behoedde. En de rijkere bezettmg zijner kamers kan ook bezwaarlijk worden gemist. Zij alleen maakt het toch mogelijk, den arbeid zóó tusschen de leden te verdeelen, dat met één kamer voor elk gebied van het recht volstaan kan worden. Kamers van drie leden zouden noodwendig leiden tot vorming van dubbele kamers. De eenheid der rechtspraak binnen het terrein van liet burgerlijke, het administratieve of het strafrecht, kon dan verbroken worden en dat gevaar zou weer door speciale inrichtinoen moeten bezworen.

No. 4. Het doctoraat in de rechts- óf in de rechts- en staatswetenschap als voorwaarde voor liet lidmaatschap van rechterlijke colleges. De instelling van administratieve kamers. Doctoren in de rechtswetenschap optredend in de burgerlijke en strafkamers, doctoren in de rechts- en staatswetenschap in de administratieve kamers.

De administratieve rechtspraak heeft eene eigen procesorde, geheel

Sluiten