Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(len rechter uitgesproken wettigheid van het besluit. Daarentegen zal de ambtenaar, die volgens den administratieve!! rechter in strijd met de wet eene vergadering deed uiteengaan, van den strafrechter nimmer de speciale bescherming kunnen erlangen, door art. 180 Wetboek van Strafrecht aan ambtenaren in de rechtmatige uitoefening hunner bediening verleend.

No. 3. Inhoud der gebondenheid en gebonden personen b\j rechterlijke besluiten.

Een netelig onderwerp bleef tot dusver opzettelijk onbesproken. In sommige gevallen is de rechter bevoegd, in de plaats van de administratie, een besluit in zijn vonnis vast te stellen. Yg. artt. 184, lid 2, en 185, lid 2, Ontwerp. Zulke rechterlijke besluiten hebben noodwendig gezag. Er moet dus nog worden vastgesteld, wien en waartoe zij binden.

De inhoud dezer besluiten kan zeer verschillend zijn en met hun inhoud moet hunne bindende kracht wisselen. Een besluit, waarbij bijv. eene bouwvergunning wordt verleend, behoort tot gansch wat anders en gansch andere personen te binden dan het besluit, waarbij een aanslag in eene belasting vastgesteld wordt. Hoe zal de wet nu met deze verscheidenheid rekening houden P Door te verwijzen naar de bindende kracht van de overeenkomstige besluiten der administratie, zooals die in het materieele publieke recht geregeld is! De rechter, die een besluit vaststelt, vervult immers eigenlijk eene administratieve functie; hij vervangt de administratie.

Aan zijn besluit mag derhalve dezelfde bindende kracht worden toegekend, als ware het besluit genomen door de Overheid, in wier plaats hij optreedt, Yg. art, 277, lid 3, Ontw.

No. 4. De rechtskracht van rechterlijke besluiten en de bevoegdheid van administratieve organen, besluiten in te trekken, te wyzigen of te vernietigen.

Al binden deze rechterlijke besluiten als besluiten der administratie, ze blijven altijd uitspraken des rechters. Door administratieve organen kunnen ze derhalve nooit vernietigd, gewijzigd of ingetrokken worden. Nu geldt het hier wel altijd — rechterlijk beroep staat immers alleen open tegen administratieve besluiten, in eenige of hoogste administratieve instantie genomen (art. 142 Ontw.) — rechterlijke beisluiten, die in de plaats treden van administratief inappellabele besluiten. Maar zulke besluiten der eenige of hoog-ste administratieve instantie kunnen toch somwijlen door de instantie, die ze genomen heeft, gewijzigd of ingetrokken worden. En bovendien staan ze misschien bloot aan vernietiging door of vanwege het centraal gezag. Kan daarom deze onaantastbaarheid van het. rechterlijk besluit niet belemmerend op de administratie werken ?

Het administratief orgaan, dat zijn eigen besluit intrekt of wijzigt,

Sluiten