Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Artikel 38.

Artikel 102 vervalt.

Artikel 39.

De aanhef van artikel 104: ,,l)e liooge raad zal" wordt gelezen:

De hooge raad, oordeelende in burgerlijke of strafzaken, zal

Artikel 40.

Artikel 110 vervalt.

Artikel 41.

Achter artikel 111 wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

Artikel lila. Met de graden, in de artikelen 35, 48, 49, G4, G4«, 8G en 87 bedoeld, staat gelijk eenig ander diploma., hetwelk hij de wet niet de genoemde gelijkgesteld is.

Licentiaten in de regten, die hij de inwerkingtreding dezer wet voor het leven of tot wederopzeggens toe tot leden der regterlijke magt benoemd zijn, worden met doctoren in de regtswetenschap gelijkgesteld.

Artikel 42.

Achter artikel 112 wordt het navolgende ingevoegd: Overgangsbepalingen.

Artikel 11-3. De kamers van de arrondissements-regtbanken, de geregtshoven en den lioogen raad worden op den dag der inwerkingtreiling dezer wet opnieuw samengesteld.

Burgerlijke en strafzaken, op dezen dag bij die colleges aanhangig, worden door de nieuwe kamers afgedaan.

Artikel 114. Artikel 12a vindt geene toepassing ten aanzien van de voor het leven aangestelde leden der regterlijke magt, die op den dag der inwerkingtreding dezer wet als zoodanig werkzaam zijn, zoolang zij, zonder tussclienkomende nieuwe benoeming, werkzaam blijven in de betrekking, op dien dag door hen bekleed.

Artikel 115. Indien leden der regterlijke magt, te wier aanzien artikel 12« geene toepassing vindt, op den dag der inwerkingtreding dezer wet den vollen ouderdom van 65 of, voor zoover de leden van den hoogen raad betreft, van 70 jaren bereiken of bereikt hebben, en door Ons op hun verzoek met ing-ang van dien dag of van eenen lateren dag ontslagen worden, genieten zij als pensioen de volle wedde, door hen op den dag der inwerkingtreding dezer wet genoten.

Indien het pensioen, in liet eerste lid bedoeld, minder bedraagt dan

Sluiten