Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Met bijzondere voorliefde heb ik het hoofdstuk La Comparaison gelezen, omdat daarin de „formes superlatives" besproken worden, waarover ook mijn dissertatie liep. Na behandeling van de vormen op issime, de versterkingswoorden trés, fort enz. komt de schrijver aan de bijw. op ment soms „pittoresques, quelquefois bizarres, pour exprimer énergiquement 1'excès de la qualité" (p. 139). Robert vermeldt rudement, furieusement, superlativement, toutplein, ') maar ook hier weer verraadt zich het boek als 'n verzameling monographieën, daar er niet verwezen wordt naar p. 357, waar het onderwerp veel uitvoeriger erörtert wordt. Een vrij volledige lijst van deze adverbia vindt men in de reeds genoemde dissertatie van Hultenberg, waarbij men voor het Engelsch Dr. Borst, Die Gradadverbien nemen kan om verrassende parallellen te ontdekken. Bij Hultenberg mist men: cruellement ennuyeux (A. France, Orme du Mail); dégoutamment riche (M. Donnay, La Patronne, I); fichument embarrassé (inde Vie Parisienne 1908, p. 260a). Mogelijk hoort hier bij fichtrement door Nyrop vermeld, terwijl een eigenaardig doucement — rudement of ons versterkend „aardig", „knapjes" te vinden is in Lavedan, Leurs Soeurs, p. 156 der geïll. uitgave: par minutes, c'est doucement rasoir d'être fille unique.

Veel meer zal er wel niet te vinden zijn, daar Hultenberg bijna vijf bladzijden geeft. Ter versterking dienen ook nog eenige andere bijwoorden, zooals combien (p. 355), assez met de beteekenis van beaucoup (p. 355) volgens Robert — is het ook niet trés? — en comme, dat toch in 'n zinnetje als comme vous êtes bon! zeker niet dient tot uitdrukking van: 1'effet, les circonstances de 1'action (p. 358). Ook heeft Robert niet gedacht aan een zeker plutót, toen hij neerschreef: plus tot a fourni plutót, qui marqué une

*) Soms wordt dit weer versterkt, zie Lavedan, Le Vieux Marcheur, p. 29: Pauline. — Tiens, tu es gentil, tout plein a la crème, d'avoir prévenu ta petite Line.

Sluiten