Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORWOORD.

Op de laatste Algemeene Vergadering onzer Vereeniging te Nijmegen werd door den Algemeenen Voorzitter Mr. A. P. L. Neussen in zijn openingsrede, de lijkverbranding, waarmede vele katholieke belangen gemoeid zijn, ter sprake gebracht, en, met het oog op eene mogelijk aanstaande wettelijke regeling, de wenschelijkheid betoogt, dit actueele onderwerp in onze verschillende afdeelingen in onderzoek en bespreking te nemen.

Gevolg gevende aan dien wensch vond de medische afdeeling nu wijlen Dr. P. M. J. M. E. Woltering bereid dit onderwerp bij haar in te leiden.

Dr. Woltering, de krachtige flinke man, die zich onder alle opzichten zoo verdienstelijk voor onze Vereeniging heeft gemaakt en die steeds bereid was zijn groote arbeidskracht voor de goede zaak ter beschikking te stellen, gaf ook nu weer zijn tijd en talenten, en zoo kon hij nog voor zijn, helaas, te vroeg overlijden het hier volgende rapport bijna geheel voltooien.

De geneeskundige afdeeling had in dezen met haar inleider een bijzonder gelukkige keuze gedaan. Want hoewel Dr. Woltering door zijn pharmaceutische opleiding niet tot de geneeskundige, maar tot de wis- en natuurkundige afdeeling behoorde, was hij als hoofd-inspecteur der volksgezondheid bijna uitsluitend in medisch-hygiënische richting werkzaam en daarom, krachtens deze betrekking, lid, en ook een tijdlang Voorzitter dezer afdeeling. Dr. Woltering was dus bij uitstek de aangewezen man het vraagstuk der lijkverbranding uit een medisch-hygiënisch oogpunt te bezien, maar door zijn opleiding ook geheel bevoegd

Sluiten