Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de mummie geen rottingslucht af, maar een reuk, die zich laat vergelijken met dien van ranzige kaas.

Iets dergelijks, doch voerende tot een eenigszins anderen conserveeringstoestand, vindt men in gronden, die kleiachtig en daardoor ondoordringbaar voor lucht en water zijn.

Zeer belangrijke niededeelingen omtrent dit punt zijn verstrekt door de hiervoren genoemde commissie uit de »Conseil superieut d'hygiëne".

Deze commissie dan deed op een kerkhof te Havre enkele lijken ontgraven van personen die aan cholera gestorven waren en daar vóór dertien jaar begraven waren. De opgegraven lijken bleken op het oog vrijwel versch te zijn en geen of zeer geringe sporen van rotting te vertoonen. Uit de lijken werden kleine deeltjes genomen en die aan een bacteriologisch onderzoek onderworpen, met het verrassende resultaat, dat de cultuur-vloeistoffen enz. steriel bleven.

Een ander verschijnsel dat men bij lijken waarneemt, zoo ze in een zuurstofvrije atmospheer worden gebracht, is dat van het zoogenaamde lijkenvet. Hierbij vervormen de spieren zLh tot een homogene massa, die de kleur en het uiterlijk vertoont van witte was, maar overigens blijft de uiterlijke gedaante der spieren bewaard. Dit verschijnsel werd het eerst waargenomen door Tourcray bij gelegenheid van opgravingen, verricht op het kerkhof des Innocents te Parijs.

Er bestaat verschil van meening omtrent den oorsprong van dit lijkenvet of »adipocire", en wel betreffende de vraag, of bepaalde organismen het vermogen zouden hebben om de spiermassa in lijkenvet om te zetten.

Onderzoekingen van Gautier e. a. pleiten voor d& meening, dat dit het geval kan zijn.

Bij het vergaan van een lijk spelen ook de insecten een

niet onbelangrijke rol door het als voedingsmateriaal te benutten.

Dit geschiedt in dezer voege dat haast iedere insectensoort een bijzondere voorkeur heeft voor een bepaalden rottingsbodem, zoodat men den ouderdom van een lijk kan afmeten naar de insecten, die er op leven.

Sluiten