Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-onder zij allen lijden, en die zij niet zouden kunnen bepalen: zij heeft hun het eenige brokstukje ideaal ontstolen, dat hun hun ellendig bestaan eenigszins dragelijk maakte.

In dit tafereel, waarin eene zeer teere fijngevoeligheid tegenover gesteld is aan brutale werkelijkheden, heeft Gorky eene nuance van ontroering weten te leggen, die onder zijn pen zeer zeldzaam moet genoemd.

Op de vrije dagen namen Konovalaf en zijn makker hun boek mede naar buiten, naar de boorden der rivier. Wanneer zij daar echter op het gras uitgestrekt lagen, hielden zij weldra op met lezen. — «Maxime, laat mij naar de lucht kijken! — Kom, Maxime, laten wij vertrekken, laten wij naar Kouban gaan I» — zeide Konovalaf. Zij werden weder medegevoerd door de natuur, en verzonken in vage overpeinzingen.

Hun wandelingen brachten hen dikwijls nabij een groot somber huis, dat daar, verlaten, half vervallen en door het water beschadigd, midden in het vlakke veld stond. Het diende tot schuilplaats aan een zeer gemengde groep van struikroovers, oplichters en luizige bedelaars, die in de stad geen ander onderkomen bezaten, en niet bijzonder bevriend waren met de politie. De bakkersjongens gaven een rondje vodka, en de landloopers betaalden door hun de lotgevallen van hun leven te verhalen — lotgevallen, die menigmaal sprookjesachtiger en hartverscheurender waren, dan die der boeken.

Hier verzamelde Gorky de grondstoffen, welke hij later zou gebruiken voor een zijner beroemdste novellen : Les ci-devant hommes.

Op zekeren dag werd het verhaal onderbroken door een inval der politie, en beide, verhalers en toehoorders mochten gezamenlijk den nacht doorbrengen in de nabijzijnde politiepost.

De jongeman had hoogere, en voor zijn rust misschien gevaarlijkere relatien. Hij werd geintroduceerd bij eenige kringen van studenten, waar hij de ideeën

Sluiten