Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opvolgers der kozakken, die zich onttrokken hebben aan een regelmatig leven, en wier verhuizingen tot op onze dagen een der meest kenmerkende verschijnselen in de geschiedenis van Rusland vormen.

Een pijnlijke prikkel drijlt deze zwervers steeds voort; zooals de Engelschman zijn spleen heeft, zoo heeft de Rus zijn toska, een nationale variant van de alleroudste menschelijke kwaal, de verveling en de walging van het leven. Zij kan koud en somber zijn als haar moeder, de sneeuw, of plotseling opbruisend en kokend, zooals het water van deze gesmolten sneeuw. Zij voert den gevoelsmensch tot al die uitgaven van levenskracht, waarbij men waagt om te vergeten; zij voert hem tot allerlei dwaasheden — en meestal naar de herberg.

In eene novelle van Tourguenief *Le Désespérêt ondervraagt een oom zijn neef, een dronkaard: «Waarom die toska? — Waarom? Vraagt u dat nog? Men keert in zichzelven, men gevoelt zich zelf en men overweegt weder; men redeneert over de armoede, over de onrechtvaardigheid over Rusland . . . Paf! Daar heb je 't! Op staande voet de toska! — zooals men een kogel door de hersens krijgt! En onwillekeurig gaat men wêer aan het drinken. — Wat heeft Rusland hier mede te maken? Dit alles is slechts het gevolg van je ergen luiheid! — En ik kan niets uitrichten, beste oom! Zeg mij eens wat ik eigenlijk moet doen, waaraan en hoe ik mijn leven eens zou kunnen wagen; ik ben aanstonds bereid ...»

De toska is het laatste woord der psychologie van Gorky, het woord dat telkens in zijn boeken terugkeert. Hij heeft het aan het hoofd van een verhaal geplaatst, dat als ondertitel voert: Een bladzijde uit het leven van een molenaar.

Deze molenaar wordt in zijn molen aangetast door een vlaag van de algemeene ziekte; hij begeeft zich naar de stad, slentert op goed geluk af door de straten, achtervolgd door den onzichtbaren vijand, die alles inspant om hem te doen verdwalen; onderweg doet hij' eenige dametjes en klaploopers op, en sluit zich met

Sluiten